Vakbondbashing
Staking met sterke polarisatie.

De algemene staking van 30 januari verliep in een sfeer van sterke polarisatie.
Op zichzelf moet dat niet verwonderen. Een staking is het moment waarop de
aantallen tellen. Stakers of niet-stakers, zwart of wit, geen grijs. Binnen of
buiten. De nuances zijn voor vooraf en achteraf.
Relatief nieuw aan deze staking - en de staking van de overheidsvakbonden op
22/12 was al een voorbereiding - was de sterke anti-vakbondshouding van de
media. In alle belangrijke media, van krant tot radio en tv, waren uitgesproken
tegen de staking. Ook bij de zogenaamde sociale media zoals Twitter en Facebook
leken dezelfde gevoelens te spelen. De "oude" media waren blijkbaar
goede vertolkers van de man van de straat.
Nadere analyses relativeerden dat sterk. Zo was er de twitter-actie van het
ABVV #30j (een twitter-afkorting voor 30 januari en meteen oproep om mee te
staken). De krantenredacties en radio en TV waren er als de kippen bij om de
actie als mislukt te benoemen en zelfs als een voorbeeld hoe een actie tegen
jezelf kan keren. De web-nieuwssite Apache.be kon echter aantonen dat 82,2% van
de twitteraars op #30j neutrale berichten stuurden, 11,1% positieve en 6,1%
negatieve berichten. Ze gebruikten daarvoor een representatief staal uit meer
dan 5000 tweets.
Ook op facebook is niet alles wat het lijkt. Nick Roskams is actief bij het
Liberaal Vlaams Studentenverbond (LVSV) en schreef een facebookpagina als
antwoord op de oproep die Rudy De Leeuw (ABVV) aan de studenten had gericht.
Meer dan 12000 facebookers "liketen" het antwoord. Op de betreffende
facebookpagina vind je echter heel wat vakbondsgezinde reacties op de brief.
"Vakbonden vertegenwoordigen de oudere generatie" was een ander
liedje dat regelmatig werd gespeeld. Enkele Sandaard-redacteurs formuleerden
het zo: "En dat buikgevoel zegt ons dat we afstevenen op een nieuw
generatieconflict. Niet tussen moeder en zoon of vader en dochter, maar tussen
jong en oud. Wij zijn geen jongeren die de solidariteit met de oudere generatie
willen opgeven. Maar we kunnen niet anders dan vaststellen dat u met uw houding
nu zelf de solidariteit met de toekomstige generaties op het spel zet."
Buikgevoel is natuurlijk een eigenaardig analyse-instrument voor journalisten.
Peeters en Pichal deden het anders en nodigden jongeren uit om hierover te
komen debatteren. Het bleek moeilijker te zijn om jongeren te vinden die tegen
de vakbondsactie waren dan die hun pro-argumenten wilden komen brengen.
Onderzoekers hebben ondertussen ook aangetoond dat alle leeftijden ongeveer
gelijk vertegenwoordigd zijn in het ledenbestand van de vakbonden.
Geen mediasteun
Opvallend maar niet verrassend was de quasi afwezigheid van de inhoudelijke
argumenten van de vakbonden in de opbouw naar de staking. In de weken vòòr 30
januari waren het steeds dezelfde argumenten tegen vakbondsacties te horen. De
mantra van de voorbije maanden werd in verhoogd tempo herhaald: besparingen
zijn nodig en dat zal moeten komen van de werkende bevolking. Dezelfde
argumenten die ook de zogenaamde Trojka (Europese Commissie, Europese Bank en
Internationaal Monetair Fonds) rondbazuinen: de overheid moet bezuinigen, de
concurrentiekracht moet omhoog door de loonkost te beperken, de
pensioenleeftijd moet omhoog, de uitkeringen moeten omlaag om meer druk te
zetten op de werkbereidheid, …
De vakbonden slaagden er niet in hun betoog te houden in de traditionele media.
Enkel in de vakbondspamfletten en DeWereldMorgen.be kwam je te weten waar het
om gaat.
Geen inhoudelijke discussie
Het tekort aan overheidsmiddelen leidt ertoe dat er minder uitkeringen en
minder overheidsdiensten dreigen te komen. De oorzaak ervan ligt niet bij de
schrikbarende stijging van pensioenen of werkloosheidsuitkeringen. Daar is wel
nood aan: armoedecijfers nemen onrustwekkend toe, uitkeringsgerechtigden
krijgen het niet meer gerooid, het aantal leefloners stijgt, het aantal
gezinnen dat de energiekosten niet meer kan dragen neemt drastisch toe, … Er
groeit een gigantisch inkomensprobleem. De oorzaak van de krappe
overheidsbudgetten en de onrechtvaardige inkomensspreiding is te wijten aan het
feit dat grote groepen weinig of geen belastingen betalen. VBO-voorzitter Rudy
Thomas verkondigt in het buitenland aan eenieder die het wil horen dat België
voor de bedrijven een belastingparadijs is. Theoretisch bedraagt de
vennootschapsbelasting 33,9%. De echte gemiddelde belastingdruk voor
vennootschappen is 11%. Grote vermogens ontsnappen aan enige belastingheffing.
Als anderen dan gewone mensen òòk belastingen betalen, is er redelijk snel meer
dan die tekorten in het overheidsbudget gevonden.
Zowel het ACV als het ABVV brengen op hun websites de analyse van de
overheidsingrepen. Het ACV bracht zelfs drie nieuwe websites: www.degevolgen.be
met per burgerprofiel (grootbelegger, werkloze, ambtenaar, verbouwer van
woning, …) de gevolgen van de overheidsmaatregelen. En ook www.dealternatieven.be met een rits
alternatieve maatregelen die de regering zou kunnen nemen om de begroting in
evenwicht te houden. Sinds de onderhandelingen over het verzachten van een
aantal maatregelen van start ging, is er nu ook www.dereparaties.be
.
De rol van de vakbonden
De staking en de reacties in de media leidden ertoe dat er (opnieuw) een
discussie ontstond over de rol van de vakbonden in het algemeen.
Zo is er de vraag naar de opportuniteit van de staking in België. Al bij al
doen we het in België toch zo slecht niet. En de regeringsmaatregelen zijn toch
minnetjes vergeleken met deze van Ierse, Engelse, Spaanse, Italiaanse,
Portugese of Griekse regeringen. De kern van de evolutie is echter niet de
snelheid, wel de richting. En die gaat volgens Europese richtlijnen naar meer
inkomensongelijkheid en meer armoede. De vakbonden reageren hierop terecht.
Beter anticiperen dan wachten tot het te laat is. Dankzij de mainstream media
weten we ook niet hoe sterk de maatschappelijke en vakbondsreacties zijn in de
andere landen. Enig opzoekwerk levert ons volgend lijstje van recente acties:
24/11 algemene staking in Portugal, staking openbaar vervoer in Bulgarije;
26/11 betoging in Ierland tegen het soberheidsbeleid; 30/11 actiedag van de TUC
(vakbondscoalitie van 58 vakbonden) voor "pensioenrechtvaardigheid";
30/11 protestbijeenkomst tegen herziening van arbeidsrechten; 1/12 Algemene
staking in Griekenland; 3/12 demonstratie van overheidsvakbonden; 10/12
Actiedag in Letland tegen besparingen; 12/12 Algemene 3-uur staking in Italië
tegen besparingen; 13/12 Franse actiedag tegen soberheid; 15/12 3-uur staking
in Cyprus; 11/2 Portugal ziet 300.000 vakbondsleden op straat.
Staking tegen regering of tegen werkgevers?
Het is de regering die gekozen heeft voor deze manier om haar begroting in orde
te krijgen. Waarom dan een algemene staking die de werkgevers treft?
Deze vraag wordt niet dikwijls in deze termen gesteld, maar leeft wel als
ondertoon in vele andere reacties. Zelfs een oppervlakkig waarnemer heeft
opgemerkt dat bij de discussies (tijdens de vorming en) in de regering over de
te nemen maatregelen, er duidelijk werd geluisterd naar de werkgevers en hun
spreekbuizen in de partijen. Op de website van Unizo: "Voor UNIZO gaan de
voorgestelde maatregelen daarom nog niet ver genoeg". Bij Voka: "dat
betekent de algemene automatische indexering loslaten en vervangen door
maatwerk per sector of per onderneming”. VBO: "het moment is gekomen om
wat mainstream is in Europa en gedragen wordt door de Belgische publieke
opinie, ook in te voeren in België: een grondige herziening van de
werkloosheids- en wachtuitkeringen." Het ondernemingsplatform VKW stelt
over de nota van de formateur: "En het gemorrel aan de notionele
interestaftrek is ook niet bepaald goed voor het investeerdersvertrouwen"
en "Positief is alvast dat een aanzet wordt gegeven tot langer werken en
dat langdurige werkloosheid financieel wordt ontmoedigd"
Dat belooft voor de index. Unizo: "Volgens Karel Van Eetvelt, topman van
Unizo, is het nu het moment om een indexsprong, of toch minstens een
indexaanpassing, te ondernemen"En VBO: "zonder een bijsturing van het
indexsysteem (zal) de doelstelling van de regeringsonderhandelaars – met name
ervoor zorgen dat de prijzen bij ons niet sneller evolueren dan bij onze buurlanden
– niet haalbaar zijn.”
Het zegt ook iets over de voorkeuren van de media als een betoging van 80.000
vakbondsmensen op 2 december minder aandacht krijgt dan een
"manifestatie" van enkele VOKA-leden aan de vakbondsgebouwen enkele
dagen vòòr de algemene staking.
Staking kost geld
Werkgevers zijn dus wel degelijk betrokken partij. De vakbonden zullen hen niet
overtuigen met actievormen die hen geen pijn doen. Kerstboomverbrandingen
brengen geen aarde aan de dijk. Een algemene staking treft de economie in haar
ziel. Het maakt duidelijk dat zonder werknemers er geen winst gemaakt kan
worden. In zoverre is het dus vanzelfsprekend dat werkgevers zich roeren als
een duivel in een wijwatervat. Volgens De Standaard kostte de staking aan de
Belgische economie 200 miljoen Euro. Nog altijd een peulschil tegenover de 17,6
miljard Euro die de Belgische schatkist volgens het Rekenhof moest ophoesten
voor de redding van de banken.
Even terzijde. Het blijft wel eigenaardig dat Bruno Tobback, de
voorzitter van de SPa, zich laat strikken om de vakbonden de les te lezen. Een
aantal voorstellen die de SPa wel genegen is (vermindering notionele intrest,
belasten van winst op speculatieve aandelen, vermogensbelasting,…), vielen
tijdens de regeringsonderhandelingen wegens te weinig gewicht van SPa en PS. De
vakbondsbeweging is eveneens voorstander van deze voorstellen. Tobback had zich
dus beter positiever of neutraler opgesteld en laten blijken dat "ieder
zijn rol" moet spelen.
Andere actiemiddelen
In de discussies tussen pro en contra, maar ook intern in de vakbonden zelf,
komt regelmatig de vraag op of een staking nog wel het juiste actiemiddel is.
Daarbij gaat het niet enkel over de economische schade, die gewild is, maar ook
over het gebrek aan impact. Er is een verschuiving tussen de verschillende
politieke niveau's (lokaal, regionaal, federaal, Europees) en dit ten nadele
van het federale niveau. Luc Huyse, Vlaanderens bekendste socioloog, stelt in
Humo "De staking als middel om het beleid te beïnvloeden is versleten".
De druk van Europa op het federale was tijdens de regeringsonderhandelingen
opvallend. Heeft een nationale actie dan nog effect? Het federale blijft wel
een belangrijk niveau met genoeg autonomie om belangrijke accenten te leggen.
De hierboven geciteerde voorbeelden maken dit duidelijk. En ook het effect op
Europa is aanwezig. Als in eenzelfde periode (zie het lijstje van acties in
Europa) de arbeidersbeweging massaal op straat komt, dan wordt dat wel gehoord
in de Europese beslissingscentra. Voorlopig is het lobbywerk van de duizenden
industriële en financiële lobbyisten duidelijk sterker dan de stem van de
vakbonden (zie http://www.corporateeurope.org/).
En het overleg?
Heeft het overleg gefaald, of loopt het overlegmodel op zijn einde?
Vakbonden worden verweten dat ze het overlegmodel op de helling zetten.
Dikwijls vertrekt dit verwijt vanuit een zogenaamd consensus model waarbij
alles kan opgelost worden door te praten en te luisteren naar mekaar. De
relatie werkgever - werknemer is er echter een van tegenstrijdige belangen. Als
de werkgever vindt dat zijn bedrijf niet genoeg winst maakt, zal hij niet aan
de werknemers komen vragen of hij het bedrijf mag verhuizen naar één van de
lageloonlanden. Als de wet geen minimumloon vastlegt, dan worden lagere lonen
betaald. In economisch rustige periodes zijn de machtsverhoudingen min of meer
stabiel en is het kader voor overleg gekend. Overleg leidt dan dikwijls tot
resultaten. Nu leven we in een onstabiel economisch klimaat. De werkgevers,
georganiseerd in Voka, VBO, VKW, Unizo e.d. zien hun kans schoon om de
machtsverhoudingen in hun voordeel te wijzigen en voelen zich gesteund door
Europa om een soberheidsbeleid aan de werkende bevolking op te leggen. Overleg
wordt dan gereduceerd tot informatie en in het beste geval wegmasseren van al
te scherpe maatregelen. Willen de vakbonden niet gereduceerd worden tot
figuranten in het overleg, met als gevolg nog grotere ongelijkheid, dan kunnen
ze niet anders dan actie voeren. Econoom en Nobelprijswinnaar Paul Krugman zegt
het zo: “Als we een maatschappij willen waar welvaart gedeeld wordt, moeten we
de onderhandelingskracht, die de werknemer de laatste dertig jaar verloren heeft,
herstellen, zodat gewone werkende mensen opnieuw de macht hebben om voor
degelijke lonen op te komen”.
Hoe moet het nu verder?
Toch (ook) andere actiemiddelen.
Een staking is het uiterste actiemiddel van een sociale beweging. Sterkere
acties zijn moeilijk denkbaar, alhoewel de Occupy-beweging en de Arabische
lente nieuwe actievormen aangebracht hebben. Op 30 januari zijn
vakbondsmilitanten ook andere vormen van zichtbaarheid dan de gewone
stakingspiketten uitgeprobeerd. Toch is er nog gebrek aan creatieve vormen van
protest. Ook zijn niet alle vormen van protest geschikt voor alle doeleinden.
Een staking van het openbaar vervoer enkel zinvol als daarmee de werkgevers in
andere sectoren geraakt worden. Als actiemiddel voor de werknemers van NMBS en
andere openbaar vervoerbedrijven, is het eerder schieten in eigen voeten omdat
dan enkel de gebruikers van het openbaar vervoer geraakt worden. En zelfs bij
een algemene staking is een initiatief zoals op 30 januari in Gent, waar
studenten een overnachting werd aangeboden, stimulerend.
Hoogleraar en psychoanalyticus Paul Verhaeghe koppelt zijn kritiek op ons
economisch systeem aan andere actievormen. Volgens hem werkt het neoliberalisme
door in alle maatschappelijke dimensies (politiek, religieus, economisch, cultureel)
met nefaste gevolgen. Het alternatief moet lijnrecht ingaan tegen de huidige
verheerlijking van limietloos consumeren en de verplichting tot groei. Hij
vreest dat de (voorbije) algemene staking het huidige systeem alleen maar
sterker maakt en pleit voor collectieve burgerlijke ongehoorzaamheid.
De vakbond en het middenveld
De vakbond kan niet voorbij aan de tijdsgeest. En men is er duidelijk in
geslaagd om de vakbond in de media in de hoek te plaatsen waar de klappen
vallen. Prof. Jan Blommaert constateert dat de tendens naar individualisering
en psychologisering op de arbeidsmarkt de vakbonden parten speelt. De
neo-liberale ideologie waarin iedereen teruggeworpen wordt op zijn eigen
verantwoordelijkheid en sociale zekerheid in termen van "pamperen"
gedefinieerd wordt, leeft sterker dan ooit. Een (algemene) staking vindt dan
moeilijk aansluiting bij een belangrijk deel van de publieke opinie.
Het is in die zin waarschijnlijk kenschetsend dat ook een significant deel van
het brede middenveld zich afzijdig houdt van het debat. Zelfs binnen het ACW,
de koepel van de christelijke arbeidersbeweging, was het zoeken naar steun.
KAJ, KAV, Christelijke Mutualiteit, Pasar, Familiehulp en Okra lieten het
afweten. Enkel ACV en KWB steunden de vakbondsacties. 11.11.11 legde de link
met de moeilijke omstandigheden waarin vakbonden moeten werken in de Derde
Wereld. Kifkif gaf Blommaert ruimte om de vakbonden te steunen.
Nochtans zouden de middenveldorganisaties moeten beseffen dat niet enkel de
legitimiteit van vakbondsacties in het geding is. Jan Blommaert waarschuwt
terecht voor een ontmanteling van de democratie als het middenveld niet langer
het echte democratische theater kan zijn waar de vrijheid van elke burger
gestalte krijgt. Daarenboven moet het duidelijk zijn dat geen verandering kan
verwacht worden zonder de inzet van de vakbonden. Zij organiseren in België
miljoenen werknemers en betekenen een belangrijke tegenmacht. Hun verzet tegen
asociale maatregelen verdienen meer steun door alle middenveldorganisaties.
Dat is niet enkel de verantwoordelijkheid van deze organisaties. Ook de
vakbonden zelf moeten actief werk maken van coalities. Des te meer het verzet
duidelijk een volksverzet is, kan het effect hebben.
De tijd dat de media het middenveld vertegenwoordigde is voorbij. Samen met het
door iedereen gewenst verval van de levensbeschouwelijke zuilen in onze
samenleving, was er ook een heroriëntering van de media. Zij kwamen in
commerciële handen en spelen nu megafoon van andere belangen. Gelukkig is er nog
DeWereldMorgen die aandacht heeft voor de argumenten van het brede middenveld.
Het is voor hen van levensbelang dat dit medium de nodige financiële steun
krijgt om aan zichtbaarheid te winnen.
De vakbonden en Europa
Het sociaal-economisch beleid verschuift nog meer van de nationale regeringen
naar Europa. De tegenbeweging moet dan ook meer op dit niveau actief zijn. De
Belgische vakbonden zijn zich hiervan al langer bewust. Ze zijn de trekkers op
Europees niveau voor een meer gecoördineerd Europees verzet. Deze
synchronisatie van Europese acties mag niet blijven steken in verdediging van
opgebouwde rechten. Meer dan ooit is nood aan gemeenschappelijke, herkenbare
nieuwe uitdagingen. Een eerste lijstje bestaat uit bekende elementen: Europees
minimumloon, index-systeem voor alle werknemers, sancties tegen armoede, tax op
financiële transacties, hoger btw op echte luxegoederen, groene stimuli.
Een dergelijk nieuwe agenda kan best in samenspraak gebeuren met
zoveel mogelijk medespelers uit het middenveld. De sociaal-economische analyses
die de laatste jaren in datzelfde middenveld de ronde doen, moeten eindelijk
resulteren in concrete coalities. Vakbonden blijven ondertussen onvervangbaar
om deze analyses door hun vakbondsmilitanten te laten uitdragen. Het neo-liberale
beleid is een garantie voor nog vele momenten van (groeiend) verzet.
Ludo Segers