Posts tonen met het label Vakbonden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Vakbonden. Alle posts tonen

22 september 2013

Brochure ABVV Charleroi: Acht vragen, acht antwoorden over de “syndikale en politieke onafhankelijkheid”

Geschreven door Denis Horman op zondag, 22 september 2013

Het ABVV van Charleroi-Zuid-Henegouwen legt de zin uit van haar 1-meioproep 
Op 1 mei 2012 lanceerde  Daniël Piron,de algemeen secretaris van ABVV Charleroi-Zuid-Henegouwen, in naam van het uitvoerend comité van het regionale ABVBV, een oproep  tot een brede politieke krachtenbundeling op het politieke en electorale vlak links van de PS en Ecolo. Dit met het doel om een echt antikapitalistsich alternatief naar voor te schuiven. Enkele weken later sprak de algemeen secretaris van de CNE (CSC) –de Franstalige christelijke bediendenbond-, Felipe Van Keirsbilck zich in dezelfde zin uit. Verschillende vakbondsverantwoordelijken deden hetzelfde.
Op 27 april 2013 kwamen in Charleroi op basis van deze oproep zo’n 400 mensen bij elkaar: syndikalisten, militanten van sociale bewegingen, van radikaal linkse organisaties… “Echt links is in opmars,  niets kan haar nog stoppen”, het was met deze woorden dat Daniel Piron deze dag van debatten en strijd afsloot. Hij riep op om dit initiatief te verbreden in Wallonië, Brussel en Vlaanderen.
Om de zin van haar oproep uit te leggen publiceerde het ABVV van Charleroi zopas een  brochure op enkele duizenden exemplaren, in de vorm van acht vragen en antwoorden, met als titel Syndikale en politieke onafhankelijkheid.
acht vragen en antwoorden...
De verantwoordelijkheid van de syndikale beweging
“Moet de vakbond zich bezighouden met politiek”? Dat is de eerste vraag waarop het ABVV van Charleroi onmiddellijk antwoordt: “ Zij kan dit niet alleen, ze moet dat ook doen”. En men brengt de Beginselverklaring van het ABVV in herinnering, die de nadruk legt op de verdediging van een maatschappijproject zonder klassen dat niet verenigbaar is met het kapitalisme. Wat inhoudt dat “men dit systeem afschaft en het vervangt door een ander, socialistische en demokratische samenleving”.
“Het is in naam van ons ultieme doel van een klasseloze maatschappij dat wij strijden tegen de macht van de kapitalistische minderheid en voor de macht aan de werknemers. In die zin,  moeten wij ons met politiek bezighouden” aldus het ABVV van Charleroi.
Om de sociale achteruitgang tegen te houden en antikapitalistische eisen op te legen “hebben wij in de eerste plaats nood aan een meer strijdbaar en democratisch syndikalisme”,  zo onderstreept de brochure, die eveneens verduidelijkt dat syndikale strijd niet volstaat, en dat die verdergezet dient te worden door een politieke actie, op alle politieke niveaus: “Het zuivere syndikalisme, zonder politieke uitdrukking, is geen oplossing”.
Vandaar de heldere en scherpe vaststelling die al naar voor werd geschoven in de oproep van 1 mei 2012: “ Zij die zich voordoen als onze “politieke vrienden” in het parlement en in de regering, de sociaal-democratie en de groenen(…) zijn bekeerd tot de neoliberale dogma’s over de competitiviteit en de privatisering (…). Deze partijen collaboreerden en blijven collaborenen om een kapitalistsich Europa op te bouwen, dewelke een oorlogsmachine is tegen de wereld van de arbeid (…) Van Globaal Plan tot de maatregelen Di Rupo, via het Generatiepact,  helpen zij vastberaden mee om de besparingspil te doen slikken tegen het vakbondsverzet”.
De voorbeelden van Griekenland, Groot-Brittanië, Portugal, Italië en Spanje, die in de vakbondsbrochure worden aangehaald, tonen aan dat de medebeheerpolitiek, zoals hij uitgevoerd en gesteund wordt door de sociaal-democratische partijen, vrij spel gaf en nog steeds geeft aan rechts en extreem-rechts: “In deze landen, profiteerde dit rechts om nog agressievere regeringen te vormen tegen de werknemers. In die omstandigheden, is een strategie van “kritische steun” een dodelijke valstrik, die we dringend moeten opgeven”.
Wat te doen?
Wil het ABVV van Charleroi een nieuwe politieke partij vormen?
“Nee, wij vormen geen partij, dat is onze rol niet. Wij stellen voor dat het ABVV het tot stand komen van een anikapitalistische kracht op het politieke en electorale terrein aanmoedigt. Dat is niet hetzelfde”.
Net zoals Daniel Piron al had aangegeven in 1-Meioproep, onderstreept de brochure dat deze kracht, deze hergroepering, die op termijn een partij kan worden, zich moet verbreden. Concreet werd in Charleroi een steuncomité voor de oproep opgericht, met de diverse radikaal linkse partijen. Het ABVV van Charleroi nodigt ook linkse leden van de PS en Ecolo uit om de dynamiek te vervoegen die aan de gang is. Zij nodigt eveneens linkse intellectuelen, militanten uit het vereniginsleven, enz. uit om zich aan te sluiten bij de oproep.
Welke concrete stappen zetten?
Voor het ABVV van Charleroi Sud Hainaut is het eerste dat moet gebeuren de bevoorrechte banden met de PS te verbreken. Dat is wat zij al enkele jaren heeft gedaan: “ Het gaat er niet om de PS als een vijand te bestempelen of haar te belasteren, maar om te begrijpen dat de bevoorrechte banden van het ABVV met de PS, in het kader van de Socialistisch Gemeenschappelijke Actie, ons verhinderen om af stappen van de strategie van kritische steun en gelobby, die ons in een impasse heeft gestort”.
Als conclusie van de bijeenkomst op 27 april in Charleroi gaf Daniël Piron aan dat het steuncomité voor de oproep van de 1e Mei zich tot taak heeft gesteld om een antikapitalistisch noodplan uit te werken. Dat is de tweede taak die in de brochure uit de doeken wordt gedaan: “ Het komt er op neer dat wij, als syndikalisten, een antikapitalistisch programma uitwerken, dat wij op het politieke terrein willen zien overgenomen worden (….). Een antikapitalistisch programma is het enig mogelijke alternatief voor de gegeven omstandigheden. Wij hebben niet de pretentie dat wij dit alleen in al haar dimensies kunnen uitwerken. Wij zullen een eerste ontwerp voorleggen dat verder kan aangevuld worden en verrijkt worden samen met anderen”.
Wat betreft de nieuwe politieke uitdrukking, ook daar gaat het niet enkel over een politieke uitdrukking van het ABVV: “Wij  willen dat er een nieuwe politieke uitdrukking van de wereld van de arbeid in zijn geheel wordt opgericht. Het feit dat langs christelijke zijde het CNE mee betrokken is in het vervolg van de oproep van de eerste mei, wordt door het ABVV van Charleroi als een zeer belangrijk feit beschouwd: “Dit toont aan dat onze strategie geen bron van verdeeldheis is, maar net kan bijdragen aan het tegenovergestelde, door bepaalde historische opdelingen van de wereld van de arbeid te overstijgen”.
Deze mogelijkheid van samen optrekken rond een gemeenschappelijk politiek project wordt niet enkel als een kans beschouwd voor het ABVV van Charleroi, dat de aanzet heeft gegeven. Dit initiatief toont langs de ene kant de scherpzinnigheid en de verantwoordelijkheid aan die door deze regionale vakbondsafdeling aan de dag wordt gelegd, ten overstaan van al die “experts” en politiekers die ons het einde van de tunnel voor zeer binnenkort voorspellen:
“ We moeten zeer goed begrijpen dat deze mogelijkheid om de krachten te bundelen zijn aanvankelijke oorsprong vond in de ernst van de bedreigingen die op de wereld van de arbeid wegen. De Europese heersende klasse heeft een frontale aanval ingezet tegen onze sociale en democratische verworvenheden. Zij kan veinzen om een beetje ballast overboord te gooien op een bepaald moment om zo een sociale explosie te voorkomen of een ondergang van de gevestigde partijen. Maar zij heeft geen enkele andere mogelijkheid dan haar werk van sociale en ecologische afbraak verder te zetten ten voordele van een minderheid van de bevolking”.
Zal het niet erger zijn zonder de PS in de regering?
Het is omdat dit leitmotiv onvermijdelijk gaat terugkomen in de verkiezingscampagne van de PS dat het ABVV van Charleroi zelf de vraag stelt: “Maar is dit alles (de oproep van de 1e mei, n.v.d.r.) geen gevaarlijke utopie, op een moment dat rechts en het patronaat in het offensief zijn en België aan “de rand van de afgrond” staat, wat zware gevolgen gaat meebrengen voor de Sociale Zekerheid?”
“In tegendeel”, antwoordt het regionaal ABVV, “ geloven dat als men plooit voor de kapitalistische logica, en passief af te wachten tot het overwaait, dat dit ons gaat helpen, dat is bijzonder naïef. Wij staan met de rug tegen de muur, wij zien geen enkele andere uitweg dan de strijd en de internationale vereniging van de gevechten in het perspectief van een ander Europa (…) en te helpen aan de opgang en de ontwikkeling van deze nieuwe, antikapitalistische politieke kracht, links van de PS en Ecolo, opdat zij zo breed mogelijk zou worden. Ziehier de politieke strategie die wij voorstellen in plaats van die van de “kritische steun”. Dat is de zin van de oproep die wij hebben gelanceerd op 1 mei 2012”.
Wat “de redding van België” betreft, is het vaak een fout voorwendsel om sociale achteruitgang in te stellen: “ Na 540 dagen van “communautaire” onderhandelingen, bevatte de nota van de Eerste Minister Di Rupo, in naam van het compromis “om België te redden”, een hele reeks eisen van de N-VA, alhoewel deze partij uiteindelijk niet deelnam aan de regeringsmeerderheid”.
Voor het ABVV Charleroi-Zuid-Henegouwen is de nationale solidariteit, “ die van de solidariteit van onze klasse, die van de werknemers”, fundamenteel en “elke breuk van deze nationale solidariteit leidt tot minder middelen om de solidariteit te organiseren”. Laat ons het voorbeeld nemen van de Sociale Zekerheid, in de wetenschap dat in de volgende verkiezingscampagne de PS met een ander van haar stokpaardjes zal komen: “Wij zijn de laatste verdedigingslinie in de regering tegen de splitsing van de Sociale Zekerheid!”.
Het is waar dat er een groot bedreiging bestaat voor onze Sociale zekerheid. “ Haar splitsing zou een catastrofe voor de wereld van de arbeid betekenen”, erkent het regionale ABVV: “ We moeten het verhinderen, maar hoe? Door devoortzetting van de ontmanteling van de sociale verworvenheden te accepteren? Door de monarchie te steunen, die zogezegd  “de verbinding is tussen Vlamingen en Walen?” Deze keuze tussen de pest en de cholera is de keuze die de regering Di Rupo ons oplegt. Wij weigeren die”.
Het regionale ABVV schuift hier een eis naar voor die door de syndikale beweging op het politieke terrein zou moeten worden gebracht: “ Wij zeggen aan de politiek: de Sociale Zekerheid hoort toe aan de werknemers; de patronale bijdragen zijn geen “lasten”, maar uitgesteld en collectief loon; wij eisen het beheer van de Sociale Zekerheid onder democratisch beheer van de werkenden”
En de syndikale onafhankelijkheid in dit alles?
“Wij zijn een onafhankelijke tegenmacht tegenover alle politieke partijen en wij zullen dat altijd blijven, zelfs in een niet-kapitalistische maatschappij”. En het ABVV van Charleroi verduidelijkt: “Wat vandaag de onafhankelijkheid van de vakbonden bedreigt, is niet dat wij aan politiek doen, het is de manier waarop we aan politiek doen (…)
Wij organiseren mobilisaties tegen de besparingspolitiek, maar op een systematische manier zorgt de strategie van “kritische steun” er voor dat wij onze eisen laten vallen om de politiek van de PS en Ecolo niet in gevaar te brengen en dit in naam van “het minste kwaad”. We zijn op een punt gekomen vandaag dat bepaalde vakbondsverantwoordelijken, in naam van “het minste kwaad”, niet langer meer de strijd tegen de besparingspolitiek willen organiseren”.
De alternatieve strategie die wordt voorgesteld door het ABVV Charleroi-Zuid-Henegouwen laat volgens hen toe opnieuw een “werkelijk onafhankelijke vakbond” te worden: laten we zelf, als syndikale beweging, ons strijdprogramma uitwerken in functie van één enkele bekommering: de noden van de werknemers.  Door hen aan te moedigen zich actief en democratisch in te schakelen, zodat dit programma en de acties van henzelf komen. “Dus, in plaats van dat de partijen hun politiek aan ons dicteren, zijn wij het die eisen zullen stellen  aan die partijen die zich engageren met ons te vechten voor dit programma.”
Ondanks de oproep dat de syndikale beweging “op een actieve manier de oprichting van een nieuwe antikapitalistische kracht op het politieke en electorale terrein zou aanmoedigen, een kracht die even trouw is aan de belangen van de wereld van de arbeid dan de bestaande krachten trouw zijn aan de belangen van de patroons”, houdt het ABVV Charleroi-Zuid-Henegouwen eraan te herinneren dat ze als vakbond op haar absolute onafhankelijkheid tegenover alle politieke partijen blijft staan.
Steun het initiatief van ABVV Charleroi-Zuid-Henegouwen
De SAP-LCR heeft onmiddellijk het belang begrepen van de oproep van de eerste mei 2012 door de algemeen secretaris van het ABVV van Charleroi. Wij hebben ons vanaf het eerste moment actief ingeschakeld in het steuncomité voor deze oproep.
Het is niet de eerste keer in de geschiedenis van ons land dat sectoren van de syndikale beweging breken met de sociaaldemocratie, maar het is de eerste keer dat een belangrijk deel van het ABVV zich uitspreekt voor een politiek alternatief links van de sociaaldemocraten en Groenen en zich op een concrete manier inzet om het ontstaan en de structurering van een nieuwe antikapitalistische politieke kracht aan te moedigen en op het politieke en electorale vlak vooruit te helpen.
De SAP-LCR heeft vanaf het begin het belang begrepen van deze gebeurtenis. Zij roept antikapitalistsich links op om haar verantwoordelijkheid te nemen, zonder kappellekesgeest, opdat deze bres in de sociaal- en christendemocratische greep op de arbeidersbeweging zo breed mogelijk wordt.

  • De brochure van het ABVV Charleroi-Zuid-Henegouwen kan ook bij de SAP verkregen worden. Een Nederlandse vertaling verschijnt binnen afzienbare tijd.

16 juni 2013

N-VA en de arbeidsmarkt. Vakbonden: wakker worden!



Door Jan Blommaert

http://img.zita.be/tmp/620/242/c/2982/201112030753-1_di-rupo-plooit-niet-voor-vakbonden-.jpg 
Na de Open VLD heeft nu ook de N-VA klare wijn geschonken inzake z'n visie op de arbeidsmarkt. CAO's gaan eraan, de indexering heeft z'n tijd gehad, en mini-jobs zijn best oké. Tijd voor de vakbonden om hun conclusies te trekken.
Ben Weyts was de man van dienst deze keer, maar het liedje van N-VA is inmiddels welbekend: Vlaanderen moet zelf zijn arbeidsmarktbeleid kunnen voeren, en dat beleid bestaat uit een drastische verlaging van de lonen, de verregaande flexibilisering van de arbeidsmarkt, een uiterst restrictief beleid tegenover werklozen, met mini-jobs als een instrument voor een radicale 'activering' van de vele luiaards onder de Vlamingen. Het liedje wordt al maanden uit vele kelen gezongen, doorgaans met Jan Jambon - vriend van de Antwerpse diamantairs - in een tenorenrol en met VOKA als achtergrondkoor.
Deze keer gaat de N-VA echter heel erg ver. Het systeem van de Collectieve Arbeids Overeenkomsten - de CAO's - moet eraan geloven. Werknemers moeten hun looneisen vanaf nu op het niveau bespreken van het individuele bedrijf, niet meer op nationaal niveau en onder toezicht van de overheid. Daardoor wordt loonvorming volledig afgestemd op het ritme van de bedrijfsresultaten, en - zo argumenteert N-VA - ontstaat een win-win stuatie tussen ondernemer en werknemer. Immers, bij groei kan de werkgever besluiten een winstdeelname uit te keren aan de werknemers - de bonuscultuur - terwijl een neerwaartse knik in de resultaten snel en soepel kan doorgerekend worden in de lonen. Werknemers en werkgever vormen zo een front van gedeelde belangen: er moet winst gemaakt worden.
Het gaat nog verder: elk aspect van de arbeidsorganisatie moet vanaf nu gedecentraliseerd worden naar de bedrijven toe. De structuur van ploegenarbeid, flexwerk, overuren: laat dat maar over aan de individuele ondernemer en zijn/haar werknemers. Ze raken er wel uit. Het solidarisme lacht ons in alle glorie toe, de verzoening van de tegengestelde belangen van arbeid en kapitaal is een feit, we worden terug concurrentieel en iedereen geniet mee van de groei.

Oh ja?
Dat is het 'sociaaleconomisch confederalisme' voor de N-VA: de volledige liberalisering, of privatisering, van de arbeid, en de volledige verschuiving van de macht in het veld van arbeid naar de ondernemer en de aandeelhouders toe. Arbeid is geen algemeen belang meer en de staat heeft er zich dus niet mee te bemoeien. Het is een simpele afspraak tussen ondernemer en werknemer, en die afspraak wordt compleet bepaald door de ondernemer.
De loonvorming wordt immers volledig afhankelijk gemaakt van de bedrijfsresultaten - de winstvolumes met andere woorden. Niet van de behoeften van de werknemer, niet van een algemeen welvaartsniveau, niet van een besef dat winsten worden gegenereerd door arbeid en dat wie winsten wil maken die arbeid ook moet koesteren. Die overwegingen behoren allemaal tot datgene wat de N-VA, samen met vele anderen, voortdurend afschrijven als verouderd, verstard, conservatief, onrealistisch. In de plaats daarvan komen de winstverwachtingen van de aandeelhouders en de kwartaalcijfers die er een antwoord op zijn.
Want dat is het punt: werknemers hebben op geen enkele manier inspraak in de bepaling van de winstverwachtingen. Indien aandeelhouders van hun management een groeivoet van 10% per kwartaal eisen, dan hebben de werknemers daar geen enkele vorm van inspraak in. Het zijn de aandeelhouders en niemand anders - de "eigenaars" van het bedrijf - die uitmaken wat 'voldoende' en wat 'onvoldoende' winst is. De werkelijke onderhandelingsmarge van de werknemers is dan ook zero: als de vooropgestelde winst niet behaald wordt, gaan de lonen niet omhoog, en de werknemers hebben geen greep op de bepaling van die vooropgestelde winst.
Dit gegeven sleurt nog twee andere gevolgen mee. Een: de logica van dit systeem is dat de werkgever de laagst mogelijke lonen als basis zal nemen, en alles daarboven - de flexibele verloning - verbindt aan de bedrijfsresultaten. Gezien wat ik hierboven aangaf, leidt dit naar een 'race to the bottom' inzake lonen. Het ligt ook voor de hand dat de verleiding groot zal zijn voor ondernemingen om constructies op te zetten waarin niet-rendabele delen van het bedrijf, met veel werknemers, worden afgescheiden van rendabele delen met weinig werknemers. Dat is allemaal volstrekt legaal, en alweer heeft de werknemer daarin niet de geringste inspraak. Hoe zou u zelf zijn nietwaar?
Twee: het is het einde van de vakbond zoals we die kennen. De actieradius van de vakbonden wordt binnen dit N-VA model gereduceerd tot het bedrijfsniveau. Vermits er geen hoger niveau van overleg meer wordt geduld, betekent dit het einde van de vakbonden als structurele partner in het veld van arbeid in dit land. Ben Weyts en zijn makkers bepleiten dus, zoals ongeveer elke dictatuur maar zonder het met zoveel woorden te zeggen, de afschaffing van de vakbonden. Vakbonden vertragen de 'business cycle', heet dat dan. En als we willen concurreren met de VS, Japan en Zuid-Korea moet ook ons systeem van vakbonden daaraan aangepast worden.
De onderliggende visie bij dit alles is die van Hayek en Friedman: dat er maar een enkele hoge vorm van vrijheid is, en dat is de vrijheid van winstaccumulatie. Het is de ondernemer en de kapitalist die vrij moeten zijn; als dat zo is dan profiteert de rest daarvan mee. Siegfried Bracke zei het mooi: het ergste wat de armen kan overkomen is dat er geen rijken meer zijn. Dat dit soort vrijheid voor een elite de onvrijheid van de massa inhoudt, werd door Hayek als een kinderziekte van het kapitalisme afgedaan, die mits een verbeterde werking van het systeem spoedig zou verdwijnen. Inmiddels weten we dat Hayek op een andere planeet leefde dan de Planeet Aarde.

Goed gezelschap
De N-VA bevindt zich in goed gezelschap. Ook Gwendolyn Rutten en haar Open VLD zijn de weg van het extremisme ingeslagen: geen CAO's meer, geen loonaanpassing aan anciënniteit, geen statutaire benoemingen meer. De ondernemer en enkel de ondernemer bepaalt wat de de waarde is van de uren arbeid die hem zijn winst bezorgen. We gaan aan een sneltreinvaart terug naar datgene wat zelfs Hayek als een aberratie beschouwde: het laissez-faire van de late negentiende eeuw, het absolutisme van de ondernemer.
Voor Rutten moet het ook gedaan zijn met die 'heksenjacht' van de fiscus op ondernemers, en we weten dat ook Jan Jambon zijn beminde diamantairs ziet als door de hebzuchtige staat uitgeperste citroenen. Het was ongelukkig voor Rutten dat haar geweeklaag samenviel met de publicatie door Offshoreleaks van een enorm volume aan details over offshore-constructies gericht op het ontwijken van belastingen en het fiscaal beschermen van private vermogens. Het was bijvoorbeeld verhelderend te zien dat de familie Lehman - juist ja, de Lehman Brothers die de kredietcrisis van 2008 lieten detoneren - haar geld veilig in allerhande belastingparadijzen heeft geparkeerd. En uit eerdere documenten weten we dat captains of industry zoals de baggerfamilie De Nul zeer actief zijn in belastingparadijzen, maar toch schaamteloos overheidsgaranties aan de belastingbetaler vragen om te kunnen gaan boren op de Noordpool. En ze nog krijgen ook.
Het is dus de hoogste tijd dat mensen zoals Rutten, Weyts en hun medestanders de 'echt bestaande economie' bekijken en ophouden met de sociaaleconomische science fiction die uitgaat van een perfecte economie vol goedmenende, humane en niet-hebzuchtige kapitalisten, en met werknemers die graag bereid zijn voor een habbekrats te werken voor dat soort brave mensen. Die ideale economie, als ze al bestaat, is een aberratie; de echte economie ziet er helemaal anders uit. En de maatregelen die Rutten en Weyts voorstellen zullen deze economie niet verbeteren; ze stimuleren net de slechtste aspecten ervan.

Vakbonden ontwaak!
Ik zeg het al maanden en herhaal het telkens het nodig blijkt: als de vakbonden niet opletten en de zaak op zijn beloop laten, worden ze eerder vroeg dan laat wakker in een land zonder vakbonden. Zonder collectief overleg inzake loon, sociale rechten en koopkracht, zonder anciënniteit of vaste benoemingen, met in de plaats daarvan mini-jobs en miniwelvaart. De macht die vakbonden nu nog hebben, en de verantwoordelijkheid die ze dragen voor een paar miljoen werkenden zijn uiterst fragiele zaken die hen zonder pardon, zeer snel en onder algeheel gejuich van de OESO, de EU, het IMF en de industrie-lobby's kunnen worden afgepakt.
In de brave new world die daarop volgt, wordt de vrijheid van de elites afgekocht met de toenemende onderwerping van de massa's. De macht over de economie, en zo over de gehele samenleving, ligt uitsluitend nog bij de kapitalisten. Als die in een goede bui zijn, kan het meevallen voor de meerderheid; op andere dagen zullen we ons moeten troosten met de wetenschap dat "onze economie groeit", en doen alsof dat over onszelf gaat en dat wij daar baat bij hebben.
Het radicalisme waarmee men deze totale machtsverschuiving bepleit moet gecounterd worden door een even radicale tegenmacht. Dit is geen staatsgreep, maar een 'samenlevings-greep' waarin een kleine elite, met behulp van een totaal kromme logica, haar hand legt op wat wij allen kunnen, mogen en willen zijn. Dat recht hebben ze niet en kunnen ze nooit verwerven.
De vakbonden zijn het doelwit van dit extremisme; het is aan hen om volle gas terug te slaan. Nu het overduidelijk is dat twee Vlaamse partijen in dit land de vakbonden willen platwalsen, kunnen de vakbonden hun leden daarover informeren. Nu is het moment voor de vakbonden om aan hun leden uit te leggen dat je aan de éne kant niet van je vakbond kan verwachten dat die je belangen verdedigt en je arbeidsproblemen oplost, en aan de andere kant vrij bent om te stemmen op partijen die precies je belangenverdedigers willen liquideren. Een duidelijke stemoproep moet daarvan het gevolg zijn.
Voor de vakbonden wordt dit stilaan een strijd op leven en dood, en de verkiezingen waarin over dit soort zaken zal beslist worden, liggen minder dan een jaar van ons. Het is dus tijd. Vakbonden: sta nu eindelijk eens op.

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op DeWereldMorgen (http://www.dewereldmorgen.be/)

27 mei 2013

IPA 2013-2014: van het abstracte naar het concrete en terug



Door Jef Van Der Elst

Notificatie inzake werkgelegenheid en competiviteit

In een tekst met deze onmogelijke naam wordt het politiek akkoord samengevat dat in  november 2012 in de regering gemaakt is over de doelstelling rond deonderhandelingen in de privé-sector. Hoofddoelstelling van de regering is dat “samen met de sociale partners over een periode van 3 IPA's de sedert 1996 ontstane reële loonkloof met de buurlanden wordt weggewerkt”.
Hiervoor heeft ze een aantal maatregelen in petto:
1.     In het IPA 2013-2014 mogen geen loonsverhogingen toegekend worden buiten de index en baremieke verhogingen. Voor de periode daarna zal een mogelijk opslag afhankelijk zijn van de evolutie van de “loonkloof”.
Er komen bijkomende lastenverlagingen en deze lopen door tot 2018.
Om de index nauwer te laten aansluiten bij het koopgedrag van de gezinnen komen er aanpassingen.
De wet van 1996 over de loonnorm moet aangepast worden: er moet strenger worden toegezien op de echte loonevolutie in de bedrijven en de sectoren. De lastenverlagingen kunnen dan ook afhankelijk gemaakt worden van de echte loonevolutie
De regering wil dit alles realiseren samen met de “sociale partners”, als dit niet lukt zal ze het zelf opleggen. Verder verwacht de regering dat sociale partners een oplossing uitwerken voor het probleem van de van de statuten arbeiders en bedienden.

Het mislukken van het Interprofessioneel overleg
Het mislukken van het Interprofessioneel overleg stond in deze context in de sterren geschreven. Patroonfederaties hadden de buit al binnen en gingen enkel voor meer. De vakbonden hadden een strategie van onderhandelen en beperkte mobilisaties. Warm en koud blazen tegelijkertijd dus.
Resultaat van dit alles: geen Interprofessioneel Akkoord, maar wel een aantal deelakkoorden die perfect in de lijn liggen van wat de regering wou. De loonnorm van 0,0 % wordt dan ook opgelegd bij Koninklijk Besluit.
Als de patroons dan ook nog voorstellen doen rond de opzegtermijnen arbeiders en bedienden, die nadeliger zijn dan wat er nu al bestaat voor de arbeiders in de meeste grote bedrijven, stopt ook het overleg over de statuten arbeiders en bedienden. De regering neemt over. Wat weinig goeds voorspelt.
De vakbonden stellen een mobilisatieplan op dat loopt tot eind juni. De concrete invulling hiervan leidt tot ernstige interne discussie binnen de vakbonden en ook tussen de vakbonden.

De “besprekingen” in de sector scheikunde
Traditioneel starten de sectoronderhandelingen in de sector scheikunde. De afgelopen twee jaar zijn zeer goed geweest voor deze sector. In 2012 is er een recordomzet geweest van meer dan 60 miljard wat 13 % meer is dan 2010 en een historisch record. Terwijl de tewerkstelling in de sector lichtjes gedaald is, is de productiviteit zo goed als verdubbeld.
Tegelijkertijd is deze sector één van de sectoren met de laagste minimumlonen.
Hierover hebben de vakbonden dan ook een gedetailleerde eisenbundel opgesteld.
Hierover wou echter Essenscia, de patroonfederatie van de sector, niet spreken. Er kon enkel onderhandeld worden als er een akkoord was rond een omkaderingstekst, die nog verder ging dan het KB rond de loonnorm.
De sociale partners en de onderhandelaars op ondernemingsvlak zullen zich volledig inschrijven in het wettelijk kader dat werd vastgelegd. Bijgevolg zullen zij op geen enkele manier in hun vraagstelling of onderhandelingen op ondernemingsvlak aanleiding geven tot overeenkomsten waarvan de inhoud niet conform het KB van 28 april 2013 is.”
Wat uiteraard voor de vakbonden onaanvaardbaar was.  Dit zou het zelfs onmogelijk maken om eisenbundels in te dienen waarin loonsverhogingen worden gevraagd. Na een schertsvertoning van enkele dagen zijn de sectorbesprekingen dan ook afgesprongen.

Van het abstracte naar het erg concrete
De Scheldelaan in Antwerpen is één van de grootste chemische clusters ter wereld. Hier zijn talrijke  chemische en petrochemische bedrijven gevestigd, meestal filialen van de grote internationale groepen.
In aanloop naar de Cao-onderhandelingen werden in de meeste bedrijven bevragingen gedaan van het personeel. Hieruit bleek dat er ernstige financiële verwachtingen bestaan bij de arbeiders en bedienden van deze bedrijven.
De jaren 2011 en 2012 waren voor de meeste bedrijven zeer goed. In de 5 grootste bedrijven werd een winst gemaakt van rond de 2 miljard euro. Door allerlei fiscale constructies werd hierop zeer weinig belasting betaald. De productiviteit is dan ook sterk gestegen en de werknemers verwachten hun deel van de koek.
Oftewel: er is een mismatch tussen het abstracte verhaal over de “loonkloof” van deze regering en de dagelijkse realiteit in de bedrijven. Maar ook hiervoor heeft deze regering in al haar wijsheid een antwoord: CAO 90. Wat is uitgesloten uit deze “loonnorm”? Eenmalige premies, die gebonden zijn aan bepaalde te bereiken doelstellingen. Waar het uiteraard uiteraard de patroons zijn die de doelstellingen bepalen.

Van het (erg) concrete naar het abstractere: het Duits model
Hiermee valt alles mooi samen. De uitkomst van dit hele verhaal:
1.     De afbraak van het interprofessionele niveau: dit niveau zorgde ervoor dat de tegenstellingen tussen de sterkere bedrijven en sectoren en de zwakkere niet teveel uit de hand lopen. Hierdoor wordt een “race at the bottom” vermeden. De working poor. In Duitsland bestaat geen minimumloon.
2.     De afbraak van het sectorale niveau: een voldoende hoog niveau in de sectoren vermijdt dat een neerwaartse spiraal de verworvenheden van de sterkere delen onder vuur legt. In Duitsland zijn er verschillende lonen en arbeidsvoorwaarden in de verschillende deelstaten met uiteraard een interne concurrentie hierrond.
3.     Op bedrijfsvlak: het vervangen van loonsverhogingen door éénmalige, resultaatsgebonden premies. Vaste bestanddelen van het loon worden vervangen door variabele, afhankelijk van het bereiken van resultaten.
Deze drie elementen zijn typisch voor het Duits model, dat na de hervormingen van de “socialist” Schröder als model gesteld wordt voor de andere landen van Europa.

De verpletterende verantwoordelijkheid van de vakbondsleidingen
Zonder achteraf slimmer te willen zijn dan de rest, is het duidelijk dat de plannen van de regering vanaf het begin heel duidelijk waren. Het politiek akkoord van deze regering heeft op een duidelijke manier omschreven wat de bedoeling was. De uiteindelijk resultaten van het proces rond het Interprofessioneel en het sectoroverleg wijken in niets af van de oorspronkelijke doelstellingen van de regering. Het is dan ook compleet onbegrijpelijk dat de leidingen van de vakbonden de hele tijd hebben zitten te schipperen tussen mobilisatie en overleg. Het is nu - achteraf gesproken -wel duidelijk dat deze strategie naar een complete impasse geleid heeft.

De politieke kwestie
De verschillende syndicale congressen moeten dan ook het bilan maken van deze duidelijke mislukking. Ze moeten dit ook doen in het besef dat dit niet een éénmalig falen is, maar dat dit ook al het bilan was van het vorige IPA en van de mislukte mobilisaties tegen de aanvallen van deze regering op de brugpensioenen, het tijdskrediet en de andere aanvallen tegen de werkenden in dit land. Dit kan ook niet zonder een diepgaande discussie over onze politieke vertegenwoordiging: welke politieke vertegenwoordiging moet de arbeidersbeweging opbouwen om ook op het politieke vlak te wegen en om onze essentiële belangen te verdedigen?

Jef Van Der Elst

2 mei 2013

11u55! Tweede open brief aan de vakbondsleden en syndicale militanten


Vrienden, kameraden,

Het zijn slechte tijden voor de werkende bevolking, en ze worden er niet beter op. De crisis weegt in heel Europa zwaar op de krachtsverhoudingen tussen de werkende klasse en het patronaat. Er is niet veel reden tot feesten. Tja, Thatcher is eindelijk gestorven en neoliberale ideologie verliest meer en meer zijn hegemonie. Meer en meer blijkt het een dogma ten dienste van de rijkste 1% van de samenleving. Maar het neoliberale kapitalisme is er nog, omdat wij van onze kant onze strijd nog steeds bedrijf per bedrijf, sector per sector, land per land voeren, elk op ons eigen. Met een gevoel van onmacht tot gevolg. Terwijl het er op aankomt om ons eigen project naar voor te schuiven om de massa van de mensen voor onze zaak te winnen: een maatschappij met sociale gelijkheid, meer democratische rechten voor iedereen, respect voor het milieu.

Met 't minste kwaad zijn we niet gebaat
Sociaalliberaal links, sp.a en PS op kop, als ze al niet gewoon de propaganda van allerlei «experten» herkauwen over de «crisis, de schulden die te hoog zijn, de competitiviteit van de bedrijven, de vergrijzing van de bevolking», komt tot vervelens toe met dezelfde excuses af om haar beleid te rechtvaardigen: «'t is de schuld van de Europese Unie, van de N-VA, van de liberalen,...». Om aan te vullen met: «Zonder ons zou het nog erger zijn!» 

Echt? In Griekenland, Spanje, Portugal waren het hun zusterpartijen die de asociale tsunami op gang brachten. Ze hadden daar rechts niet bij nodig... In Frankrijk regeert de PS vandaag alleen. Veel verschil in het sociale beleid, op het vlak van de buitenlandse politiek, enz. (met de gelukkige uitzondering van het homo-huwelijk) met het vorige rechtse bestuur is niet te merken. Op het vlak van het Europese beleid is er weinig onderscheid tussen de sociaaldemocratie en rechts. Ze stemmen allemaal dezelfde besparingsverdragen. Herinner je je nog de jaren '90, toen de sociaaldemocratie in 13 landen op de 15 die de EU toen telde aan de macht was? Heeft het de neoliberale pletwals die de EU is toen ook maar een morzel tegengehouden? Tobback junior en Magnette maken vandaag niet veel indruk meer met de pogingen het links imago van sp.a en PS wat op te smukken. Stop ermee, de mensen trappen er niet meer in: «het minste kwaad» blijkt erg genoeg!

Het Europese patronaat wil de diepe crisis waarin het kapitalisme zich bevindt, gebruiken om een reeks ongeziene aanvallen in te zetten op onze sociale verworvenheden: een enorme privatiseringsgolf, deregularisatie van arbeidsvoorwaarden, loonverlagingen in de openbare sector en de privé, aanvallen op de gezondheidszorg, de pensioenen, de werkloosheidsuitkeringen, enz. Een strategie die eerst wordt uitgetest op de bevolking in Zuid- en Oost-Europa, voorbestemd om voor een paar Noord-Europese landen (Duitsland op kop) te worden wat Mexico vandaag voor de VS is. Zodra die landen structureel zijn omgevormd, is het de beurt aan de landen in het hart van de Europese economie, waaronder België, om door de molen gehaald te worden, maar misschien aan een trager tempo.

Sociaal verzet
Hoog tijd dus voor sociaal verzet, verzet dat even hard is als de aanvallen die op ons afkomen! De werkende bevolking, de vakbonden liggen onder vuur. Aan de andere kant wordt niet gelanterfant!Ook bij ons delen de regering Di Rupo en de regionale regeringen (waaraan naast sp.a en PS in Brussel en Wallonië ook groenen deelnemen) de ene mep na de andere uit: 23 miljard euro besparingen, verlaging van 0,4% van de reëele lonen en loonblokkering voor minstens 6 jaar, 5000 jobs weg in de openbare sector, besparingen bij de Post en de NMBS, afbouw van het vervroegd pensioen, verlaging van de pensioenen, feitelijke limitatie in de tijd van de werkloosheidsuitkeringen door ze onder de armoedegrens te laten zakken, toenemende armoede in de samenleving, bevriezen van de uitgaven in de gezondheidszorg, prijsstijgingen in het openbaar vervoer, zware bezuinigingen bij de gemeenten en OCMW's. In de privé is de sociale toestand een ramp: vooral in de industrie volgt de ene bedrijfssluiting  op het andere faillisement, maar ook de bankbedienden bijvoorbeeld worden niet gespaard. ArcelorMittal, Ford Genk, Duferco, Caterpillar...  En dat is maar het begin, tenzij we hen nu eindelijk afblokken!
Zo zagen we afgelopen periode opnieuw proefballonetjes oplaten door Open VLD en N-VA die de uitbetaling van de werkloosheidsuitkeringen willen afpakken van de vakbonden. Zulke maatregele zou de vakbonden zwaar verzwakken. Nu al riskeren de bonden tienduizenden werkloze leden te verliezen die het slachtoffer gaan worden van een hervorming van de werkloosheid waartegen ACV, ABVV en ACLVB zich nooit serieus verzet hebben. Maar ook vanuit de sp.a waren er aanvallen op het stakingsrecht bij het openbaar vervoer, vanuit de N-VA is er de hele campagne tegen het ACW, ... Di Rupo viel de militanten van de ACOD aan toen ze actie voerden: «Jullie leiden de burgers naar de afgrond».

In heel Europa worden de collectieve arbeidsoverenkomsten en contracten van onbepaalde duur aangevallen: met landen als Griekenland en Italië op kop, maar ook in Frankrijk of bij ons. De begrotingen van de lidstaten van de EU moeten vanaf nu voorgelegd worden aan de Europese Commissie vooraleer ze door de nationale parlementen worden besproken.

De heersende klasse wil dat de vakbonden enkel nog diensten aanbieden aan hun leden, de arbeidskracht mee beheren. Af en toe mogen ze nog wel eens dienen om stoom af te laten, kwestie van te vermijden dat de boel ontploft, maar eigenlijk moeten ze vooral de sociale achteruitgang helpen beheersen. De loonblokkering die de overheid oplegt, riskeert gepaard te gaan met sancties tegen wie in bepaalde sectoren of bedrijven toch gunstigere CAO' afsluit. Waarom zouden de regeringen en het patronaat het hierbij laten? Vanuit de vakbonden komt toch nauwelijks serieus verzet...

Voor een democratische en strijdbare vakbeweging

Inderdaad, al die aanvallen zouden niet mogelijk zijn zonder de ongelofelijke makke opstelling, zelfs de min of meer openlijke medeplichtigheid van een deel van de vakbondsleidingen, zowel bij het ACV als het ABVV, die de arbeiders en bedienden meer demobiliseren en demoraliseren dan mobiliseren. Van Noord-Zuidwandeling zonder serieuze eisen naar actiedag zonder perspectieven, zonder duidelijke eisenbundel of helder actieplan. De vakbondsleidingen hebben recent de verhoging van de overuren die mogen gewerkt worden goedgekeurd, net zoals een nieuwe cadeau van 270 miljoen euro aan het patronaat in de vorm van een vermindering van de patronale bijdragen aan de sociale zekerheid. Op een moment dat de dividenden enkel al van de bedrijven genoteerd op de BEL20 in 2012 met 10% stegen, ze bedragen bijna 7 miljard euro!
Zowel voor Anne Demelenne en Rudy De Leeuw (ABVV) als voor Claude Rolin en Marc Leemans (ACV), lijkt de rol van de vakbonden in de huidige periode er in te bestaan om de neoliberale hervormingen te begeleiden, hier en daar wat kruimels die van de tafel vallen op te rapen, en dingen die tien jaar geleden nog onaanvaardbaar waren als overwinningen te doen doorgaan. Maar het kan nog erger: Jorissen van de ABVV-Metaal stelt publiek, in de pers, dat mobiliseren tot niets dient, omdat anders de regering zou vallen en er een nog ergere komt. De leiding van ABVV-Metaal saboteerde gewoonweg de acties die door de meerderheid van het ABVV waren beslist. In het ABVV is er meer en meer sprake van interne verdeeldheid: spanningen tussen arbeiders en bedienden (en openbare diensten en privé), gevaarlijke communautaire discours, enz. En dat op een moment dat solidariteit tussen Vlaamse, Waalse en Brusselse werkenden, over de sectoren heen, meer dan ooit broodnodig is.
Maar helaas is dat niet alles: het huidige «actieplan» van het ABVV, dat vooral een aaneenschakeling is van lokale acties en manifestaties, zonder echt perspectief van regionale en nationale stakingen, is veel te zwak om het besparingsbeleid ook maar een greintje tegen te houden, en riskeert zo vooral voor meer demoralisatie bij de leden en militanten te zorgen. Elke keer lijken de acties minder militanten te begeesteren... En over de opstelling van het ACV valt nog minder positiefs te zeggen.
Mooie discours in De Nieuwe Werker of de Visie zullen hier niks, maar dan ook niks, aan veranderen. De burgerij gebruikt de sp.a en PS, en in hun kielzog, de huidige vakbondsleidingen, als stootkussen om het ongenoegen en de woede van de werkende bevolking op te vangen. Wat een schimmenspel wordt er opgevoerd! Doen alsof er wordt gestreden zonder dat de regering in gevaar mag worden gebracht. Gedaan ermee! Die politiek versterkt enkel het idee van ieder voor zich, en na ons de zondvloed. Die politiek dreigt de vakbeweging regelrecht de afgrond in te leiden. We hebben dringend een echt actieplan nodig, een dat die naam waardig is, rond serieuze eisen. Een actieplan dat collectief en democratisch wordt uitgewerkt door de ganse vakbeweging, van de basis tot de top. Anders zijn we een vogel voor de kat, of beter: het kapitaal.

Een politiek alternatief van de werkende klasse
Om standvastig het gevecht te kunnen aangaan,
Een democratisch debat over de syndicale strategie

Vermits onze huidige vakbondsleidingen het laten afweten, of erger, denken wij dat er nood is aan een breed gedragen, democratisch debat in zowel ACV als ABVV. Een debat dat moet uitmonden in buitengewone congressen waarop gezamenlijk de strategie en eisenbundels worden uitgewerkt.
De vakbonden moeten dringend van koers veranderen om de belangen van de leden en de werkende bevolking in het algemeen te kunnen verdedigen! Zonder breed sociaal verzet zal een links politiek alternatief geen kans maken. Zonder links politiek alternatief blijven de sociale bewegingen de gevangenen van de «politiek van het minste kwaad». Als belangrijkste slachtoffers van het asociaal afbraakbeleid zijn de werkende bevolking met of zonder job, de vrouwen, de jongeren, ook de enigen die het besparingsbeleid een halt kunnen toeroepen.
Bedrijven in actie, vakbondsmilitanten en strijdbare sociale bewegingen buiten de vakbonden, hebben er alle belang bij om hun acties te coordineren en samen een strategie uit te werken om te winnen, zonder af te wachten tot die «van boven» uit de lucht valt. Laat ons binnen onze vakbonden samen een serieus interprofessioneel weerwerk verdedigen. De strijd op het sociale en het politieke terrein is nauw verweven, het versterken van het sociale verzet een belangrijk element voor het totstandkomen van een blok van linkse sociale en politieke bewegingen dat het bezuinigingsbeleid kan tegenhouden.
In België is momenteel geen enkele regeringscoalitie mogelijk die de belangen van de werkende klasse en haar organisaties opneemt. Als we de sociale kwesties niet zelf door onze strijd op de dagorde zetten, als we ons laten verslaan zonder verzet, als we er niet in slagen zelf, op relatief korte termijn, een politiek en sociaal alternatief uit te bouwen, ligt de weg open voor N-VA, MR en compagnie, en vooral voor een nieuwe reeks asociale maatregelen die ons nog harder zal raken dan wat we vandaag al meemaken. Dan zou het echt kunnen gaan over het in stand blijven van een reeks historische verworvenheden van de Belgische arbeidersbeweging: de sociale zekerheid, de index, de plaats van de vakbonden, de collectieve arbeidsovereenkomsten die dreigen gesplitst te worden door de ultra's van het patronaat vertegenwoordigd door de N-VA. Laat ons zelf onze toekomst bepalen: stevig op twee benen: samen in het sociaal verzet, samen voor een antikapitalistisch politiek alternatief. Durf te strijden, durf te winnen!

De SAP (Socialistische Arbeiderspartij) wil hieraan mee werken, jij ook?


De SAP versterken is het sociale verzet en de strijd voor een politiek alternatief voor de werkende bevolking versterken. Doe mee, wordt lid!

Contact: SAP, Plantinstraat 20, 1070 Brussel
Tel.: 0496/ 20 76 37

Je kan het pamflet ook hier downloaden

28 februari 2013

Heeft het ACW elk moreel gezag verloren?

Geschreven door Jef Mariën* op donderdag, 28 februari 2013 

Het ACW zit in het oog van de storm. De beschuldigingen zijn niet min: schriftvervalsing, belangenvermenging,financieel gesjoemel, fiscale fraude. Als we de media mogen geloven heeft de beweging, ook als maar een fractie kan worden bewezen, alle geloofwaardigheid verloren. Hoe kan je als beweging nog langer uitspraken doen over het immorele gedrag van anderen als je je zelf schuldig maakt aan ‘fiscale optimalisatietechnieken’? Is dit het eindpunt van een evolutie die al begonnen is in de jaren negentig? Een absoluut dieptepunt of mogelijk de start van een nieuwe periode? Om duidelijkheid te scheppen moeten we even terug in de tijd. Maar eerst nog even dit. De rechtstreekse aanval op het ACW is minstens evenzeer gericht op de deelorganisaties van het ACW. De kritiek op ‘het immorele gedrag’ en de ‘verloren geloofwaardigheid’ treft evengoed de vakbond ACV in al zijn geledingen, alsook de sociaal-culturele verenigingen zoals Femma, kwb, KAJ en Okra. Het zijn juist deze deelorganisaties die de drijvende kracht vormen van de permanente kritiek vanuit de christelijke arbeidersbeweging op alle vormen van sociale onrechtvaardigheid. Het zijn die drijvende krachten die men met deze gerichte aanval in diskrediet wil brengen.

Een terugblik

In de loop van de jaren negentig van vorige eeuw gingen de coöperatieve werken van het ACW één voor één voor de bijl. LVCC, BAC, Ultra Montes, SVAccent, Sofidi, Samko bureau, de krant ‘Het Volk’ werden overgenomen, opgeslorpt, verkocht, failliet verklaard, opgedoekt. Enkel Arco (samen met Arcofin, Arcopar en Arcoplus) presenteerde zich nog als coöperatieve tak en was de drijvende kracht achter de overgang van BAC naar Bacob om via enkele tussenwegen bij Dexia uit te komen. Begin 2001 ontpopte de christelijke arbeidersbeweging zich als de grootste sociale holding van het land. Dat leverde het ACW geen windeieren op. Maar de kruik gaat zo lang te water tot ze barst. In 2008 kwam Dexia, in volle bankencrisis, in grote moeilijkheden en het ACW als belangrijke referentiehouder deelde in de klappen. In 2011 ging het licht uit bij Dexia en Arco moest noodgedwongen in vereffening gaan. De discussie over de Dexia-winstbewijzen die het ACW incasseerde en de staatswaarborg voor de coöperanten laaide in alle hevigheid op. Net zoals vandaag werd ‘de graaicultuur’ van het ACW op de korrel genomen en werden het ACW en ACV aangemaand eerst voor eigen deur te vegen vooraleer banken en ondernemingen de les te spellen. Sinds de persconferentie van de N-VA op 14 februari zijn we een fase verder.

De N-VA gaat in de aanval 

De NV-A zet het ACW nu letterlijk te kijk als een bende sjoemelaars, leugenaars,profiteurs en dieven. Fraudeurs dus. ACW-voorzitter Develtere probeerde zich de eerste dagen schrap te zetten, leek daar niet echt in te lukken tot hij op dinsdag 19 februari in het bijzijn van expert Axel Haelterman kwam vertellen dat er met de cvba ‘Sociaal Engagement’(waar de vroegere winstbewijzen van Dexia waren ondergebracht), technisch-fiscaal gezien, niks fout was en dat dus de beschuldiging van fraude totaal uit de lucht gegrepen is. Dus sloeg hij terug en kondigde aan een klacht wegens laster in te dienen tegen de NV-A- kamerleden Jan Jambon en Peter Dedecker. Nu al kunnen we voorspellen dat ons een lange en dure juridische slijtageslag staat te wachten.
Het juridisch aspect van deze zaak is zeker niet onbelangrijk. En de dure woorden zijn weer gevallen: tot op het bot, de onderste steen, enz. Afwachten dus wat fiscale experts en het gerecht zullen boven spitten. Eén ding is zeker: iemand zal op de blaren moeten zitten. Het ACW als het toch in de fout ging, want zo zei ACV-voorzitter Leemans: “Het is duidelijk dat zelf als maar een gedeelte van de beschuldigingen…een grond van waarheid heeft, het hier laakbare feiten betreft, die het ACV absoluut afkeurt”. Maar ook de NV-A riskeert een deuk in het blazoen te krijgen als zou blijken dat de partij het ACW valselijk beschuldigd heeft met het oog op het beschadigen van dat ACW. De vraag is evenwel wie het meest beschadigd uit het avontuur zal te voorschijn komen.

De geloofwaardigheid van de Christelijke Arbeidersbeweging

Wij vrezen dat de geloofwaardigheid van het ACW meer dan ooit op het spel staat. Met ‘Beweging’ hebben we altijd met argusogen gekeken naar de ontwikkelingen binnen de christelijke arbeidersbeweging. Lange tijd heeft de beweging de dynamiek van het neoliberalisme niet altijd correct ingeschat en is ze, net zoals vele andere bewegingen en partijen, minstens gedeeltelijk, overstag gegaan voor de sirenenzang van het neoliberalisme en de lokroep van de vrije markt. Geleidelijk aan werd de eigen ‘economische poot’ uit handen gegeven en werd er gekozen voor de vlucht vooruit, voor het grote geld. Dat was niet te vinden in een kleine spaarbank en dus werd er aangeklopt bij Dexia. ‘De ziel van de zuil staat op de beurs genoteerd’, schreef Didier Verbruggen in 2005 in zijn boek ‘De uitverkoop van het ACW. Een verhaal van geld en idealen’. Sinds 2001 heeft het ACW inderdaad radicaal gekozen. Het coöperatieve verhaal werd opgedoekt en de beweging, als institutionele belegger, werd met handen en voeten gebonden aan het bancaire systeem door zijn eieren in de korf van het risicovolle financiële kapitalisme te leggen. Was er geen kritiek op deze ontwikkelingen? Jawel, maar die werd afgedaan als cafépraat. Wij zijn absoluut niet te ver gegaan, beweerde de ACW-top toen. We kozen voor zakelijkheid, schaalvergroting en efficiëntie, we konden niet anders, het was ‘de tijdsgeest’. Dat vinden wij een bijzonder flauw argument. En in zijn commentaar bij de recente ontwikkelingen van de Arco-saga en de Belfius-winstbewijzen neemt ook P. Develtere te weinig afstand van die toenmalige tijdsgeest. Er bestond toen wel iets dringender dan als sociale beweging rücksichtlos met de tijdsgeest mee te gaan.
De arbeidersbeweging, ook de christelijke, is 150 jaar geleden precies geboren en groot geworden door zich af te zetten tegen de toenmalige tijdsgeest. Die oefening had het ACW opnieuw moeten maken in het eerste decennium van de nieuwe eeuw. In plaats van hals over kop met de tijdsgeest mee te hollen had het ACW weerwerk moeten bieden tegen het toenmalige klimaat van liberaliseren, privatiseren, dereguleren en met eigen initiatieven moeten uitpakken om net die tijdsgeest om te buigen naar een meer menselijke samenleving. Hoe valt het te rijmen dat je als beweging streeft naar een economie in dienst van mens en samenleving als je tegelijk participeert aan de (losgeslagen) financiële markten? Voor ons is het duidelijk. Als je als organisatie vecht tegen ongelijkheid en onrechtvaardigheid, als je dus het kapitalisme wil bestrijden, kan je niet deelnemen aan de machten die de touwtjes van dit soort maatschappij in handen houden. Eens je dat doet, raak je verwikkeld in een kluwen van belangen waarbij het streven naar de grootst mogelijke winst weinig of geen ruimte laat voor welke ethische norm dan ook.

Licht in de duisternis

Te midden van de storm waarin het ACW is terecht gekomen is er één lichtpunt. Velen verwittigen de goegemeente dat het kind niet met het badwater mag weg gekieperd worden. Het ‘sociale kapitaal’ dat de christelijke arbeidersbeweging vertegenwoordigt kan niet zo maar bij het grof vuil gezet worden. Heel veel commentatoren wijzen erop dat de inzet van duizenden vrijwilligers niet kan teniet gedaan worden door de strapatsen, inschattingsfouten, verkeerde keuzes die een deel van de leiding in Brussel heeft gemaakt.
Het sociaal kapitaal van het middenveld is onmiskenbaar van groot belang voor het functioneren van de democratie en de samenleving. Je kan de initiatieven van die duizenden vrijwilligers die de maatschappelijke integratie bevorderen, een socialiserende rol vervullen en emanciperende kracht hebben, niet ontkennen. Als je het ACW uit elkaar speelt en het middenveld uitschakelt dan betalen we daar een dure prijs voor. Dan nemen de kansen op een echte solidaire, duurzame, warme en rechtvaardige samenleving gevoelig af. Wij sluiten ons daar graag bij aan. En voorlopig zegt ACW-voorzitter Develtere is er van een leegloop nog geen sprake. De beweging klit, onder de voortdurende aanvallen, stevig aan elkaar. Toch is het zeer de vraag met welk project de beweging die duizenden vrijwilligers en militanten aan zich kan blijven binden. Kunnen die overtuigd worden dat de christelijke arbeidersbeweging een sterke sociale beweging is en blijft die haar ‘roots’ niet wil verloochenen?

De bevoorechte relatie met de CD&V blijft een probleem 

Met welk maatschappelijk project wil de beweging al die mensen blijven mobiliseren? Eerlijk gezegd, zijn we daar niet gerust in. In de loop van de geschiedenis is de beweging groot geworden maar ze is onderweg ook een en ander kwijt gespeeld. Niet alleen werd de coöperatieve werking afgebouwd, ook het maatschappelijk en politiek project waar de beweging voor stond is uit handen gegeven en toevertrouwd aan ‘de vrienden’ in de CD&V. Dat heeft de beweging, zeker in de hoogdagen van de CVP, geen windeieren gelegd, maar zorgde er ook voor dat de eigen maatschappelijke en politieke doelstellingen sterk verwaterden. Wat een contrast met de situatie tot aan de Tweede Wereldoorlog. Het ACW beschikte toen over een sterke zelfstandige politieke macht, het had een eigen politieke infrastructuur en zette zwaar in op politieke vorming.
Dat heeft de beweging dus allemaal uit handen gegeven. Het maatschappelijk en politiek project van de beweging werd dus eerst ter harte genomen door de CVP en sinds 2001 door de CD&V, een partij die steeds meer opschuift naar rechts en het neoliberalisme. En alhoewel het overduidelijk is dat de CD&V steeds meer van de doelstellingen van de christelijke arbeidersbeweging afwijkt, wil het ACW zijn ‘bevoorrechte partner’ nog steeds niet in de steek laten. Waarom niet? Ja, natuurlijk, we hebben ACW-mandatarissen in de CD&V. Maar zijn die niet eerst CD&V-er en dan pas ACW-er? We willen de inzet van vele ACW-ers op plaatselijk vlak niet in twijfel trekken maar voor de ACW-mandatarissen in de Vlaamse en de federale regering ligt dat helemaal anders. Wie van de vele duizenden leden heeft ooit W. Martens, J.L. Dehaene en Y. Leterme tot ACW-er benoemd? Hoe komt het toch dat in de federale regering Vanackere, Schouppe en Verheirstraeten als ACW-ers door het leven gaan en Crevits en Schauwvliege in de Vlaamse regering? Zij vormen dus, als we de media mogen geloven, ‘de arbeidersvleugel’ in de CD&V. En als men daar dan ‘de linkervleugel’ van de Cd&V van maakt, dan horen wij het in Keulen donderen. In een recente folder van ‘Beweging’ prijken de foto’s van Dehaene, Leterme en Vanackere, ‘ACW-mandatarissen’ die geacht worden de doelstellingen van het ACW te verdedigen. Maar staan zij niet eerder voor de belangen van grote ondernemingen zoals Inbev of de visies van neoliberale organisaties als de Oeso? Is het aanvaardbaar dat een ‘ACW-minister van financiën zich uitspreekt tegen een vermogensbelasting, de aantasting van het indexmechanisme verdedigt, aanstuurt op langer werken en het participeren in risicokapitaal aanmoedigt?
Het ‘sociaal kapitaal’ dat in de christelijke arbeidersbeweging aanwezig is verdient beter. Veel van wat er leeft aan de basis wordt telkens opnieuw afgeblokt als er op het politieke niveau beslissingen moeten genomen worden. De heilloze band met de Cd&V verhindert dat de inzet van die vele vrijwilligers inzake solidariteit en rechtvaardigheid ook een politiek verlengstuk krijgt. Wat baat het dat het ACV, Femma, kwb en alle andere deelorganisaties van het ACW opkomen voor een sociaal en rechtvaardig programma als het door de bevoorrechte partner, de CD&V, niet wordt gevolgd? Beweging is dus van oordeel dat het ACV en het ACW met al zijn deeltakken op zoek moet gaan naar een nieuwe politieke frontvorming waar de inzet en de maatschappelijke doelstellingen van vrijwilligers, werknemers, uitkeringsgerechtigden en hun gezinnen eindelijk wordt gehonoreerd. Een eerste en noodzakelijke stap daartoe is de stopzetting van de bevoorrechte band met de CD&V. Zo lang dat niet gebeurt, zullen zogenaamde ACW-mandatarissen de kans krijgen om standpunten in te nemen en een beleid uit te voeren of te ondersteunen dat niet overeenkomt met het programma van het ACW.

Waarvoor staat het ACW?

Hoe zit het trouwens met dat programma van het ACW? Langs alle kanten wordt nu geroepen dat het tijd is om te herbronnen. ‘Laatste kans voor de ACW-topman’ blokletterde DM (21/03/13). Develtere moet de christelijke arbeidersbeweging onverwijld een moderner profiel aanmeten. Wij zijn benieuwd hoe hij dat gaat doen. Voor ons is het duidelijk dat de arbeidersbeweging, ook de christelijke, is ontstaan in de strijd tegen het kapitalisme en dus in de letterlijke zin van het woord een tegenbeweging is. De arbeidersbeweging heeft zich altijd verzet tegen de heersende economische aanpak. Telkens heeft ze geprobeerd, en dat met wisselend succes, het terrein van de economie, van de arbeid, van de brede maatschappelijke behoeften, niet aan de markt, aan de privébelangen, aan het kapitalisme over te laten.
Het besef was altijd aanwezig dat het belangrijk was greep te krijgen op de economie. En dat heeft de christelijke arbeidersbeweging ook dikwijls gearticuleerd. Een economie in dienst van mens en samenleving. Zowel de economie als de financiële markten zijn er niet voor zichzelf en zeker niet om steeds meer winst te accumuleren. Het geldwezen (spaar-en kredietrwezen) is maar een hulpmiddel voor de economie en die economie hebben we nodig om een samenleving uit te bouwen in dienst van mens en samenleving. Op die manier is een economie een proces dat ons allen aangaat. Daarom moet de economie ook van ons zijn. Als de arbeidersbeweging echt een greep wil krijgen op de maatschappelijke ontwikkelingen dan moet ze ook een greep krijgen op de economie en alternatieven ontwikkelen die perspectief geven aan een menselijke samenleving. Dan moeten we terug naar een coöperatieve bank, een bank van ons. Dan beletten we dat het financieel kapitalisme met ons geld verder de samenleving ontwricht, het milieu kapot maakt en jobs en inkomens vernietigt. En waarom zouden we niet pleiten voor een openbare bank? Hebben de privébanken hun failliet niet bewezen? Banken moeten gedwongen worden hun financiële middelen in te zetten voor de reële economie. Vanackere klopt zich nu op de borst dat hij strenge regels heeft uitgevaardigd voor de banken maar hij weigert wel mee te werken om de splitsing van gewone en van zakenbanken opnieuw, bij wet, op te leggen.
Het ACW kan nog altijd een grote rol spelen in de strijd voor een solidaire en rechtvaardige samenleving. Dan moet het lessen trekken uit het verleden en in het licht van de ravage die het kapitalisme nu wereldwijd aanricht koploper worden in de maatschappelijke en politieke strijd om het kapitalisme te bestrijden en het financieel kapitalisme voor goed aan de ketting te leggen. In De Standaard (20/02/13) stelde Marc Reynebeau dat het ACW gebukt gaat onder ‘twee erfzonden’. Twintig jaar geleden wilde het ACW meespelen met de grote jongens, ‘het nam toen afscheid van zijn coöperatieve ideaal en werd het een ordinaire zakenbankier’. Deze erfzonde vloeide voort uit een andere erfzonde: ‘de historische verzuiling waarin het middenveld systematisch was vervlecht geraakt met de overheid’.
Kan je zonder kleerscheuren onder een erfzonde onderuit, laat staan aan twee? We zullen het navragen. Met ‘Beweging’ denken wij toch dat de arbeidersbeweging, onder bepaalde voorwaarden, terug kan grijpen naar de coöperatieve idealen. En als de band met de CD&V wordt losgelaten, komt er ook daar een nieuw perspectief voor het ACW. Het was precies de symbiose met de CD&V, het feit dat het ACW geen eigen ‘politieke smoel’ meer had dat de vervlechting waar Reynebeau van spreekt ‘leidde tot een gebrek aan kritische afstand, tot argeloosheid tegenover vele vormen van conformisme en conservatisme die ontstaan in de omgang met macht’.

Biedt de huidige malaise kansen tot een nieuwe dynamiek?

Al bij al kan de huidige malaise leiden tot een nieuwe dynamiek. Als is het voorbarig te stellen, zoals E. Schouppe zich liet ontvallen, dat het ACW spoedig weer als een phoenix uit zijn as zal herrijzen. Er liggen immers kapers op de loer. De NV-A is geen partij zoals de anderen. Ze heeft bij manier van spreken een viscerale afkeer van het middenveld. Dat past niet in hun visie op de samenleving. De partij mag dan nu wel wat steviger verankerd zijn in het Vlaamse landschap na de gemeenteraadsverkiezingen van oktober van vorig jaar, ze beschikt niet over een middenveld zoals de andere partijen. Wellicht streeft ze dat ook niet na, net zoals de Volksunie vroeger waar de NV-A toch uit geboren is. Maar NV-A ziet wel de slagkracht van dat middenveld en dat ‘steekt’. Een recente studie heeft aangetoond dat niet minder dan 30% van de ACV-leden bij de laatste federale verkiezingen in 2010 voor de N-VA heeft gestemd. De NV-A zal er alles aan doen om nog meer kiezers te lokken en ze in te zetten voor een eigen volksnationalistisch programma. Daarbij schuwen ze de zware middelen niet. De aanval tegen het ACW kan moeilijk anders geïnterpreteerd worden. Vanwaar die beschuldiging van fraude bij het ACW? Je zou dat nog kunnen verklaren als de partij op dat vlak al enige verdienste had opgebouwd in het verleden. Maar niets is minder waar. Toen in het verleden de dubieuze fiscale praktijken van grote ondernemingen en eigenaars van grote vermogens uitvoerig uit de doeken werd gedaan, was er van de NV-A geen spoor te bekennen. De NV-A verdedigde wel steeds de notionele interest en had er niet de minste moeite mee dat de Franse veelverdiener Arnault in ons land een onderkomen zocht om aan de Franse fiscus te ontsnappen. Er staat een duidelijke rechtse agenda achter de pogingen om het ACW te destabiliseren. Het ACW, en zeker het ACV verdedigde tegenover de federale regering het behoud van een sterke sociale zekerheid. En laat dat nu net een doorn in het oog zijn van de NV-A. Bovendien komen er de verkiezingen van 2014 er aan. Als de CD&V in een zwakkere positie komt te zitten omdat het ACW zo goed als onschadelijk gemaakt is, ligt na de verkiezingen de weg open de weg open voor een rechtse meerderheid in Vlaanderen. In De Morgen (16/02/13) stelt Bart Eeckhout: “Wie zal bij CD&V Kris Peeters tegenhouden om het roer een ruk naar rechts te geven? Geen ACW’ers alvast, die liggen nog wel even in de Dexia touwen. Met dank aan NV-A, inderdaad”.
Als de rechterzijde erin zou slagen het ACW op te doeken dan zal er een enorm maatschappelijk kapitaal verdwijnen en is het perspectief op een solidaire en warme samenleving verder af dan ooit, schreef Willy Verbeek, ACW-voorzitter van Herent, onlangs in een lezersbrief (DM, 12/02/13). Alle hens aan dek dus om na alles wat er gebeurd is een nieuwe weg in te slaan. Laten we van de gelegenheid gebruik maken om een eigen uitgesproken maatschappelijke keuze te maken. Laat daarbij de belangen van de gemeenschap, van de kleine man en vrouw, van de werknemers primeren op een flou algemeen belang dat vaak misbruikt wordt om eerder een kleine groep te bevoordelen. Ga het gevecht aan met de neoliberale principes die de samenleving domineren en meer en meer mensen verknechten. Weiger te aanvaarden dat de winst van enkelen primeert op het goede leven van velen. Laten we dus naar buiten komen met een eigen uitgewerkt profiel, bediscussieerd en gedragen door dat onschatbare sociale kapitaal van de beweging, waarmee we de boer op kunnen, de confrontatie tegemoet. Een recht voor de raaps project dat mensen perspectief biedt en uitdagend genoeg is om, samen met alle progressieve krachten van het land, te bewijzen dat een andere wereld mogelijk is.

* Jef Mariën is actief in Beweging, een werkgroep van kritische en progressieve militanten binnen de christelijke arbeidersbeweging. Zij ijveren voor een strijdbare en politiek zelfstandige beweging om samen met andere sociale organisaties te werken aan een andere, meer rechtvaardige wereld. Dit artikel verschijnt binnenkort ook in Sprokkels, tijdschrift van Christenen voor het socialisme.