Posts tonen met het label ACW. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ACW. Alle posts tonen

20 maart 2013

Waarom geen vakbondspartij?



Door Jan Blommaert*

Net op het ogenblik dat vakbonden meer dan ooit nodig zijn, staan ze onder hevige druk in de publieke opinie. Dat is geen toeval, want de macht van de vakbonden is potentieel zeer groot, en het is dus van belang voor haar tegenstrevers om die macht zo klein mogelijk te houden.

De aanvallen op het ACW in de media springen natuurlijk in het oog. Ze worden aangevoerd door N-VA, met in haar zog wijze deskundigen zoals Johan Van Overtveldt en Ivan Van de Cloot, en ze richten grote schade aan in het hart van een organisatie die zowel historisch als vandaag een unieke plaats in het middenveld bekleedt. De Wever probeert die schade uit te buiten door om de haverklap de “800.000 coöperanten” (waaronder zijn mama) te beklagen. Hij zegt er nooit bij met welke middelen hijzelf die 800.000 dan wel tevreden zou stemmen.
Maar er is meer. Er is al geruime tijd een beeldvorming aanwezig waarin vakbonden worden afgeschilderd als conservatieve krachten, die uit hoofde van de eigen privileges elke vorm van ‘modernisering’ in de economie blokkeren of vertragen, en zo die economie beletten uit het dal te kruipen. Elke staking, zeker wanneer die een effect heeft op het openbaar vervoer, leidt zonder uitzondering tot opstoten van heftige vakbond-bashing. En demonstraties van vakbonden worden in toenemende mate met onverschilligheid begroet.


Ja ja, Ford Genk en Arcelor-Mittal gaan dicht, en ja, dat is jammer voor de nu werkloze medewerkers. Maar kom, je kan geen omelet bakken zonder eieren te breken bromt Dedecker, een crisis is een zuiveringsritueel zegt Itinera, en Van Overtveldt voegt daaraan een kort lesje over Adam Smith toe waaruit mag blijken dat dergelijke drama’s gewoon het gevolg zijn van een verschuiving in vraag en aanbod.
De woede van de vakbonden, hun standpunten en analyses raken nog nauwelijks tot in het publieke forum. Vakbonden zijn effectief het zwijgen opgelegd.

Het cijfer dat niet meetelt
De vakbonden tellen nochtans zowat drie miljoen leden, werkenden en werklozen, en achter vele gesyndiceerden staat een gezin en een familie. Vakbonden zijn, zoals gezegd, een unieke sociale organisatie, en ze zijn de enige echte massaorganisaties die ons land nog kent. De belangen die vakbonden verdedigen zijn de belangen van een bijzonder groot gedeelte van de bevolking, en ze raken de hele structuur van onze samenleving. Die belangen zijn daarom niet louter economisch of technisch: ze zijn intrinsiek politiek van aard. Historisch staan de vakbonden voor een mens- en maatschappijbeeld dat nu aan heftige aanvallen bloot staat. De politieke vertaling van dat mens- en maatschappijbeeld is van wezenlijk belang.
Historisch was dit geen groot probleem. De vakbonden hadden hun politieke verlengstuk in de zogeheten zuil-partijen: de socialistische partij voor ABVV, en de Christendemocraten voor ACV. Die laatste was een ‘standenpartij’ waarin de vakbond (d.i. de ACW-koepel), naast bijvoorbeeld de boeren, een ‘stand’ vertegenwoordigde, en die stand leverde vrijwel steeds ministers in een regering. Dehaene en Leterme waren recent de meest prominente vertegenwoordigers van het ACW in de regeringen; Steven Vanackere was de laatste in de rij.
Aan socialistische zijde is de band tussen partij en vakbond al jaren terug verdund en uitgerafeld, en het is niet overdreven te zeggen dat die band vandaag in Vlaanderen simpelweg niet meer bestaat. Een triest dieptepunt in de onderlinge relatie beleefden we onlangs in november 2012, toen de sp.a een parlementair initiatief aankondigde om het stakingsrecht te beperken. Bruno Tobback aapt Tony Blair na.
Wat de geroemde ACW-flank in de regeringen betreft; met de exit van Vanackere heeft die een dramatisch einde genomen. En wie het beleid van zogeheten ACW-vertegenwoordigers in diverse regeringen wat grondiger bekijkt mag zich afvragen in hoeverre die vertegenwoordigers de belangen van de werkenden en de werklozen verdedigen. Het was Dehaene die het Globaal Plan erdoor joeg, het was Leterme die de falende banken overeind hield met overheidsgeld dat tevoren voor geen enkele sociale zaak beschikbaar bleek te zijn. En wat Vanackere betreft: hij was degene die het EU-begrotingsstandpunt met hand en tand verdedigde, grotendeels tegen de standpunten van de vakbond in.
Ook op Europees niveau is de politieke invloed van de vakbonden zo goed als onbestaande. Kijk eenvoudigweg naar de door de EU opgelegde maatregelen: de ‘austeriteit’ staat voor verarming, uitverkoop van publieke goederen en afbouw van het sociale vangnet; de ‘relance’ staat voor privileges (‘zuurstof’) voor de economie en flexibilisering van de arbeid, met aantasting van de loonstructuur en de arbeidsvoorwaarden. Samen genomen vormen ze een brutale en frontale aanval op de verwezenlijkingen van ruim een eeuw inzet van de arbeidersbewegingen, en een vernietiging van het mens- en maatschappijbeeld dat daarin werd gekoesterd en bevochten.
In onze cijferzieke samenleving lijken de drie miljoen vakbondsleden zowat het enige getal te zijn dat geen belang heeft en niet in politieke afwegingen betrokken wordt. Overheden laten zich graag informeren door lobby’s die veel minder volk vertegenwoordigen, of door deskundigen die niemand vertegenwoordigen, maar niet door organisaties die een enorme massa burgers vertegenwoordigen.
http://www.indymedia.be/index.html%3Fq=files%252Fimagecache%252Fnode-page%252FDSC_2832_500handenaf_0.JPG

Toen Minister Van Quickenborne onmiddellijk na de vorming van de regering Di Rupo aankondigde dat hij het mes zou zetten in de pensioenen verwees hij met ontzag naar de studies van de Onafhankelijke Denktank Itinera. Met de vakbonden was hij even vergeten overleg te plegen. En daar waar vakbonden het middenveld domineren, is het niet ondenkbaar dat er morgen in het parlement een meerderheid gevonden wordt om de vakbonden aan banden te leggen. In het Halfrond zijn vakbonden immers nagenoeg volstrekt niet vertegenwoordig. 
De moeder aller verkiezingen
We zijn ruim een jaar verwijderd van wat in verhit mediaproza de Moeder Aller Verkiezingen wordt genoemd. Volgens diezelfde media, en volgens de N-VA, moeten en zullen die historische verkiezingen gaan over de staatshervorming, niets anders. Alle geesten worden in die zin gekneed, alle neuzen worden in die richting gedraaid.
De consensus hierover verbergt een andere. Alle partijen die de agenda van de verkiezingen in splits-technologische zin interpreteren zeulen impliciet een consensus mee over de sociaaleconomische koers die moet gevaren worden. Die koers is duidelijk, het is die van de EU: de austeriteit en relance die ik eerder beschreef.
Er zullen dan ook weinig potten gebroken worden inzake sociaaleconomische thema’s tijdens de campagne. Die thema’s zijn kennelijk minder belangrijk dan het verschil tussen een driekleur en een leeuwenvlag. Dat er naast een staatshervorming ook een afbraak van de verwezenlijkingen van een eeuw inzet en strijd voor een betere samenleving plaats grijpt, lijkt bijzaak, het vermelden niet waard, en zeker geen inzet van de grote politieke gevechten van de toekomst.
Vakbonden zullen tijdens die campagne dan ook simpelweg verder in de marge gedrukt worden. Hun standpunten zullen nooit hoofdpunten zijn, maximaal zijn het voetnoten, en ze zullen steeds enkel vanuit een defensieve positie aan het woord kunnen komen. Ze zullen nauwelijks zichtbaar zijn en de grote overwinnaars van de Moeder Aller Verkiezingen zullen rustig en met de grootste vanzelfsprekendheid de Europese richtlijnen blijven uitvoeren.
Daar is een voor de hand liggende oplossing voor. Vakbonden kunnen zelf een partij of kieslijst oprichten en meedoen met de Moeder Aller Verkiezingen. Bij afwezigheid van een verzekerde vertegenwoordiging van de belangen van hun leden in andere partijen – ik denk dat we daarvan mogen uitgaan – is dit een logische zaak. Een Partij van de Solidariteit, of van de Sociale Actie, zou best wel wat harten sneller doen kloppen, ook in het stemhokje.
En daarbuiten, want die ingreep zou nogal wat teweeg brengen. Ze zou plots sociaaleconomische thema’s op de agenda plaatsen, en niet in de marge van de debatten maar in het centrum ervan. De verkiezingen zouden gaan over de grote zaken die alle mensen aanbelangen. Ze zou er ook voor zorgen dat er een duidelijk en rechtlijnig discours ontstaat over de belangen van die drie miljoen werkenden en werklozen, wiens belangen tot nu toe makkelijk op te offeren bleken. Het zou onze democratie wezenlijk verbeteren en een politiek scheppen die er echt toe doet.
En niet enkel dat. Vakbonden zouden snel vanuit een defensieve naar een offensieve plaats in het publieke debat opschuiven, want plots zijn ze politiek en electoraal een factor van belang, potentieel zelfs van doorslaggevend belang. Zij die het per se over staatshervorming willen hebben zullen de evidentie daarvan een heel stuk minder makkelijk kunnen duidelijk maken. Vakbond-bashing wordt flink wat minder makkelijk op die manier, want de vakbond brult niet meer alleen, hij heeft ook tanden gekregen.
Ik kan mij daarnaast ook inbeelden dat het spookbeeld van een electorale aardverschuiving in travaillistische richting ook de tegenstrevers van de vakbonden tot een iets redelijker en bezadigder houding kan bewegen. En ik denk ook dat dit in Europa sommige mensen wakker kan schudden. Beslissingen in de EU worden genomen door regeringen. Als de vakbond in een regering zou zetelen verandert dat de contouren van het speelveld. Dat kan alleen maar gunstig zijn.

Waarom niet?
Ik kan me voorstellen dat er hier en daar wat koudwatervrees kan zijn, dat er vakbondsleden zijn die nog altijd denken dat ‘hun’ partijen de zaak voor hen wel zullen beredderen, dat dit soort actie niet tot de traditie en roeping van de vakbond behoort, dat ze er niet voor opgeleid zijn en zo meer.
Ik ben er echt niet van overtuigd dat andere partijen de kastanjes uit het vuur zullen halen voor de vakbonden. Als dat zo zou zijn, dan is daar een enorme U-turn voor nodig, want de partijen hebben al lang ruim de kans gekregen om dat te doen, met het gekende gevolg. Ik denk dat het brutale feit is dat niemand anders de belangen van de vakbonden zal verdedigen dan de vakbonden zelf. Het kan dus enkel slechter worden als de zaken op hun beloop worden gelaten. Vakbonden zullen, mede dankzij de Merkels, Ruttes en Camerons van Europa, steeds verder de hoek worden ingedreven waar de klappen vallen. Tot ze erbij gaan liggen.
De idee van een vakbondspartij komt uit vakbondsmiddens zelf, ik geef dat even mee. Ik pikte ‘m op in discussies met vakbondsmensen. Hoe meer ik er over nadenk, hoe logischer en belangrijker het me lijkt. Het kan niet zijn dat het middenveld enkel als lijdend voorwerp in de politiek bestaat. Het kan ook niet zijn dat de belangen van miljoenen mensen per definitie als onbelangrijk worden beschouwd, en dat die belangen op geen enkele manier worden vertolkt en verdedigd in de cenakels van de macht. En het kan niet zijn dat verkiezingen over beuzelarijen gaan en niet over de toekomst van onze mensen en onze samenleving, nu en tot in de verre toekomst.
Als vakbonden hun historische rol ernstig nemen, en hun beginselen eveneens, dan moeten ze deze stap nu zetten. Ze kunnen de machtsvraag in een crisis met een diepgang en impact zoals deze niet uit de weg blijven gaan. Ze hebben ruim een jaar om te bouwen, te organiseren en te mobiliseren. Dat moet genoeg zijn om de politiek grondig te veranderen en onze democratie eindelijk terug handen en voeten te geven.

* Jan Blommaert doceert Taal, Cultuur en Globalisering in de universiteiten van Gent en Tilburg. Dit artikel verscheen oorspronkelijk op zijn blog (http://jmeblommaert.wordpress.com/)

28 februari 2013

Heeft het ACW elk moreel gezag verloren?

Geschreven door Jef Mariën* op donderdag, 28 februari 2013 

Het ACW zit in het oog van de storm. De beschuldigingen zijn niet min: schriftvervalsing, belangenvermenging,financieel gesjoemel, fiscale fraude. Als we de media mogen geloven heeft de beweging, ook als maar een fractie kan worden bewezen, alle geloofwaardigheid verloren. Hoe kan je als beweging nog langer uitspraken doen over het immorele gedrag van anderen als je je zelf schuldig maakt aan ‘fiscale optimalisatietechnieken’? Is dit het eindpunt van een evolutie die al begonnen is in de jaren negentig? Een absoluut dieptepunt of mogelijk de start van een nieuwe periode? Om duidelijkheid te scheppen moeten we even terug in de tijd. Maar eerst nog even dit. De rechtstreekse aanval op het ACW is minstens evenzeer gericht op de deelorganisaties van het ACW. De kritiek op ‘het immorele gedrag’ en de ‘verloren geloofwaardigheid’ treft evengoed de vakbond ACV in al zijn geledingen, alsook de sociaal-culturele verenigingen zoals Femma, kwb, KAJ en Okra. Het zijn juist deze deelorganisaties die de drijvende kracht vormen van de permanente kritiek vanuit de christelijke arbeidersbeweging op alle vormen van sociale onrechtvaardigheid. Het zijn die drijvende krachten die men met deze gerichte aanval in diskrediet wil brengen.

Een terugblik

In de loop van de jaren negentig van vorige eeuw gingen de coöperatieve werken van het ACW één voor één voor de bijl. LVCC, BAC, Ultra Montes, SVAccent, Sofidi, Samko bureau, de krant ‘Het Volk’ werden overgenomen, opgeslorpt, verkocht, failliet verklaard, opgedoekt. Enkel Arco (samen met Arcofin, Arcopar en Arcoplus) presenteerde zich nog als coöperatieve tak en was de drijvende kracht achter de overgang van BAC naar Bacob om via enkele tussenwegen bij Dexia uit te komen. Begin 2001 ontpopte de christelijke arbeidersbeweging zich als de grootste sociale holding van het land. Dat leverde het ACW geen windeieren op. Maar de kruik gaat zo lang te water tot ze barst. In 2008 kwam Dexia, in volle bankencrisis, in grote moeilijkheden en het ACW als belangrijke referentiehouder deelde in de klappen. In 2011 ging het licht uit bij Dexia en Arco moest noodgedwongen in vereffening gaan. De discussie over de Dexia-winstbewijzen die het ACW incasseerde en de staatswaarborg voor de coöperanten laaide in alle hevigheid op. Net zoals vandaag werd ‘de graaicultuur’ van het ACW op de korrel genomen en werden het ACW en ACV aangemaand eerst voor eigen deur te vegen vooraleer banken en ondernemingen de les te spellen. Sinds de persconferentie van de N-VA op 14 februari zijn we een fase verder.

De N-VA gaat in de aanval 

De NV-A zet het ACW nu letterlijk te kijk als een bende sjoemelaars, leugenaars,profiteurs en dieven. Fraudeurs dus. ACW-voorzitter Develtere probeerde zich de eerste dagen schrap te zetten, leek daar niet echt in te lukken tot hij op dinsdag 19 februari in het bijzijn van expert Axel Haelterman kwam vertellen dat er met de cvba ‘Sociaal Engagement’(waar de vroegere winstbewijzen van Dexia waren ondergebracht), technisch-fiscaal gezien, niks fout was en dat dus de beschuldiging van fraude totaal uit de lucht gegrepen is. Dus sloeg hij terug en kondigde aan een klacht wegens laster in te dienen tegen de NV-A- kamerleden Jan Jambon en Peter Dedecker. Nu al kunnen we voorspellen dat ons een lange en dure juridische slijtageslag staat te wachten.
Het juridisch aspect van deze zaak is zeker niet onbelangrijk. En de dure woorden zijn weer gevallen: tot op het bot, de onderste steen, enz. Afwachten dus wat fiscale experts en het gerecht zullen boven spitten. Eén ding is zeker: iemand zal op de blaren moeten zitten. Het ACW als het toch in de fout ging, want zo zei ACV-voorzitter Leemans: “Het is duidelijk dat zelf als maar een gedeelte van de beschuldigingen…een grond van waarheid heeft, het hier laakbare feiten betreft, die het ACV absoluut afkeurt”. Maar ook de NV-A riskeert een deuk in het blazoen te krijgen als zou blijken dat de partij het ACW valselijk beschuldigd heeft met het oog op het beschadigen van dat ACW. De vraag is evenwel wie het meest beschadigd uit het avontuur zal te voorschijn komen.

De geloofwaardigheid van de Christelijke Arbeidersbeweging

Wij vrezen dat de geloofwaardigheid van het ACW meer dan ooit op het spel staat. Met ‘Beweging’ hebben we altijd met argusogen gekeken naar de ontwikkelingen binnen de christelijke arbeidersbeweging. Lange tijd heeft de beweging de dynamiek van het neoliberalisme niet altijd correct ingeschat en is ze, net zoals vele andere bewegingen en partijen, minstens gedeeltelijk, overstag gegaan voor de sirenenzang van het neoliberalisme en de lokroep van de vrije markt. Geleidelijk aan werd de eigen ‘economische poot’ uit handen gegeven en werd er gekozen voor de vlucht vooruit, voor het grote geld. Dat was niet te vinden in een kleine spaarbank en dus werd er aangeklopt bij Dexia. ‘De ziel van de zuil staat op de beurs genoteerd’, schreef Didier Verbruggen in 2005 in zijn boek ‘De uitverkoop van het ACW. Een verhaal van geld en idealen’. Sinds 2001 heeft het ACW inderdaad radicaal gekozen. Het coöperatieve verhaal werd opgedoekt en de beweging, als institutionele belegger, werd met handen en voeten gebonden aan het bancaire systeem door zijn eieren in de korf van het risicovolle financiële kapitalisme te leggen. Was er geen kritiek op deze ontwikkelingen? Jawel, maar die werd afgedaan als cafépraat. Wij zijn absoluut niet te ver gegaan, beweerde de ACW-top toen. We kozen voor zakelijkheid, schaalvergroting en efficiëntie, we konden niet anders, het was ‘de tijdsgeest’. Dat vinden wij een bijzonder flauw argument. En in zijn commentaar bij de recente ontwikkelingen van de Arco-saga en de Belfius-winstbewijzen neemt ook P. Develtere te weinig afstand van die toenmalige tijdsgeest. Er bestond toen wel iets dringender dan als sociale beweging rücksichtlos met de tijdsgeest mee te gaan.
De arbeidersbeweging, ook de christelijke, is 150 jaar geleden precies geboren en groot geworden door zich af te zetten tegen de toenmalige tijdsgeest. Die oefening had het ACW opnieuw moeten maken in het eerste decennium van de nieuwe eeuw. In plaats van hals over kop met de tijdsgeest mee te hollen had het ACW weerwerk moeten bieden tegen het toenmalige klimaat van liberaliseren, privatiseren, dereguleren en met eigen initiatieven moeten uitpakken om net die tijdsgeest om te buigen naar een meer menselijke samenleving. Hoe valt het te rijmen dat je als beweging streeft naar een economie in dienst van mens en samenleving als je tegelijk participeert aan de (losgeslagen) financiële markten? Voor ons is het duidelijk. Als je als organisatie vecht tegen ongelijkheid en onrechtvaardigheid, als je dus het kapitalisme wil bestrijden, kan je niet deelnemen aan de machten die de touwtjes van dit soort maatschappij in handen houden. Eens je dat doet, raak je verwikkeld in een kluwen van belangen waarbij het streven naar de grootst mogelijke winst weinig of geen ruimte laat voor welke ethische norm dan ook.

Licht in de duisternis

Te midden van de storm waarin het ACW is terecht gekomen is er één lichtpunt. Velen verwittigen de goegemeente dat het kind niet met het badwater mag weg gekieperd worden. Het ‘sociale kapitaal’ dat de christelijke arbeidersbeweging vertegenwoordigt kan niet zo maar bij het grof vuil gezet worden. Heel veel commentatoren wijzen erop dat de inzet van duizenden vrijwilligers niet kan teniet gedaan worden door de strapatsen, inschattingsfouten, verkeerde keuzes die een deel van de leiding in Brussel heeft gemaakt.
Het sociaal kapitaal van het middenveld is onmiskenbaar van groot belang voor het functioneren van de democratie en de samenleving. Je kan de initiatieven van die duizenden vrijwilligers die de maatschappelijke integratie bevorderen, een socialiserende rol vervullen en emanciperende kracht hebben, niet ontkennen. Als je het ACW uit elkaar speelt en het middenveld uitschakelt dan betalen we daar een dure prijs voor. Dan nemen de kansen op een echte solidaire, duurzame, warme en rechtvaardige samenleving gevoelig af. Wij sluiten ons daar graag bij aan. En voorlopig zegt ACW-voorzitter Develtere is er van een leegloop nog geen sprake. De beweging klit, onder de voortdurende aanvallen, stevig aan elkaar. Toch is het zeer de vraag met welk project de beweging die duizenden vrijwilligers en militanten aan zich kan blijven binden. Kunnen die overtuigd worden dat de christelijke arbeidersbeweging een sterke sociale beweging is en blijft die haar ‘roots’ niet wil verloochenen?

De bevoorechte relatie met de CD&V blijft een probleem 

Met welk maatschappelijk project wil de beweging al die mensen blijven mobiliseren? Eerlijk gezegd, zijn we daar niet gerust in. In de loop van de geschiedenis is de beweging groot geworden maar ze is onderweg ook een en ander kwijt gespeeld. Niet alleen werd de coöperatieve werking afgebouwd, ook het maatschappelijk en politiek project waar de beweging voor stond is uit handen gegeven en toevertrouwd aan ‘de vrienden’ in de CD&V. Dat heeft de beweging, zeker in de hoogdagen van de CVP, geen windeieren gelegd, maar zorgde er ook voor dat de eigen maatschappelijke en politieke doelstellingen sterk verwaterden. Wat een contrast met de situatie tot aan de Tweede Wereldoorlog. Het ACW beschikte toen over een sterke zelfstandige politieke macht, het had een eigen politieke infrastructuur en zette zwaar in op politieke vorming.
Dat heeft de beweging dus allemaal uit handen gegeven. Het maatschappelijk en politiek project van de beweging werd dus eerst ter harte genomen door de CVP en sinds 2001 door de CD&V, een partij die steeds meer opschuift naar rechts en het neoliberalisme. En alhoewel het overduidelijk is dat de CD&V steeds meer van de doelstellingen van de christelijke arbeidersbeweging afwijkt, wil het ACW zijn ‘bevoorrechte partner’ nog steeds niet in de steek laten. Waarom niet? Ja, natuurlijk, we hebben ACW-mandatarissen in de CD&V. Maar zijn die niet eerst CD&V-er en dan pas ACW-er? We willen de inzet van vele ACW-ers op plaatselijk vlak niet in twijfel trekken maar voor de ACW-mandatarissen in de Vlaamse en de federale regering ligt dat helemaal anders. Wie van de vele duizenden leden heeft ooit W. Martens, J.L. Dehaene en Y. Leterme tot ACW-er benoemd? Hoe komt het toch dat in de federale regering Vanackere, Schouppe en Verheirstraeten als ACW-ers door het leven gaan en Crevits en Schauwvliege in de Vlaamse regering? Zij vormen dus, als we de media mogen geloven, ‘de arbeidersvleugel’ in de CD&V. En als men daar dan ‘de linkervleugel’ van de Cd&V van maakt, dan horen wij het in Keulen donderen. In een recente folder van ‘Beweging’ prijken de foto’s van Dehaene, Leterme en Vanackere, ‘ACW-mandatarissen’ die geacht worden de doelstellingen van het ACW te verdedigen. Maar staan zij niet eerder voor de belangen van grote ondernemingen zoals Inbev of de visies van neoliberale organisaties als de Oeso? Is het aanvaardbaar dat een ‘ACW-minister van financiën zich uitspreekt tegen een vermogensbelasting, de aantasting van het indexmechanisme verdedigt, aanstuurt op langer werken en het participeren in risicokapitaal aanmoedigt?
Het ‘sociaal kapitaal’ dat in de christelijke arbeidersbeweging aanwezig is verdient beter. Veel van wat er leeft aan de basis wordt telkens opnieuw afgeblokt als er op het politieke niveau beslissingen moeten genomen worden. De heilloze band met de Cd&V verhindert dat de inzet van die vele vrijwilligers inzake solidariteit en rechtvaardigheid ook een politiek verlengstuk krijgt. Wat baat het dat het ACV, Femma, kwb en alle andere deelorganisaties van het ACW opkomen voor een sociaal en rechtvaardig programma als het door de bevoorrechte partner, de CD&V, niet wordt gevolgd? Beweging is dus van oordeel dat het ACV en het ACW met al zijn deeltakken op zoek moet gaan naar een nieuwe politieke frontvorming waar de inzet en de maatschappelijke doelstellingen van vrijwilligers, werknemers, uitkeringsgerechtigden en hun gezinnen eindelijk wordt gehonoreerd. Een eerste en noodzakelijke stap daartoe is de stopzetting van de bevoorrechte band met de CD&V. Zo lang dat niet gebeurt, zullen zogenaamde ACW-mandatarissen de kans krijgen om standpunten in te nemen en een beleid uit te voeren of te ondersteunen dat niet overeenkomt met het programma van het ACW.

Waarvoor staat het ACW?

Hoe zit het trouwens met dat programma van het ACW? Langs alle kanten wordt nu geroepen dat het tijd is om te herbronnen. ‘Laatste kans voor de ACW-topman’ blokletterde DM (21/03/13). Develtere moet de christelijke arbeidersbeweging onverwijld een moderner profiel aanmeten. Wij zijn benieuwd hoe hij dat gaat doen. Voor ons is het duidelijk dat de arbeidersbeweging, ook de christelijke, is ontstaan in de strijd tegen het kapitalisme en dus in de letterlijke zin van het woord een tegenbeweging is. De arbeidersbeweging heeft zich altijd verzet tegen de heersende economische aanpak. Telkens heeft ze geprobeerd, en dat met wisselend succes, het terrein van de economie, van de arbeid, van de brede maatschappelijke behoeften, niet aan de markt, aan de privébelangen, aan het kapitalisme over te laten.
Het besef was altijd aanwezig dat het belangrijk was greep te krijgen op de economie. En dat heeft de christelijke arbeidersbeweging ook dikwijls gearticuleerd. Een economie in dienst van mens en samenleving. Zowel de economie als de financiële markten zijn er niet voor zichzelf en zeker niet om steeds meer winst te accumuleren. Het geldwezen (spaar-en kredietrwezen) is maar een hulpmiddel voor de economie en die economie hebben we nodig om een samenleving uit te bouwen in dienst van mens en samenleving. Op die manier is een economie een proces dat ons allen aangaat. Daarom moet de economie ook van ons zijn. Als de arbeidersbeweging echt een greep wil krijgen op de maatschappelijke ontwikkelingen dan moet ze ook een greep krijgen op de economie en alternatieven ontwikkelen die perspectief geven aan een menselijke samenleving. Dan moeten we terug naar een coöperatieve bank, een bank van ons. Dan beletten we dat het financieel kapitalisme met ons geld verder de samenleving ontwricht, het milieu kapot maakt en jobs en inkomens vernietigt. En waarom zouden we niet pleiten voor een openbare bank? Hebben de privébanken hun failliet niet bewezen? Banken moeten gedwongen worden hun financiële middelen in te zetten voor de reële economie. Vanackere klopt zich nu op de borst dat hij strenge regels heeft uitgevaardigd voor de banken maar hij weigert wel mee te werken om de splitsing van gewone en van zakenbanken opnieuw, bij wet, op te leggen.
Het ACW kan nog altijd een grote rol spelen in de strijd voor een solidaire en rechtvaardige samenleving. Dan moet het lessen trekken uit het verleden en in het licht van de ravage die het kapitalisme nu wereldwijd aanricht koploper worden in de maatschappelijke en politieke strijd om het kapitalisme te bestrijden en het financieel kapitalisme voor goed aan de ketting te leggen. In De Standaard (20/02/13) stelde Marc Reynebeau dat het ACW gebukt gaat onder ‘twee erfzonden’. Twintig jaar geleden wilde het ACW meespelen met de grote jongens, ‘het nam toen afscheid van zijn coöperatieve ideaal en werd het een ordinaire zakenbankier’. Deze erfzonde vloeide voort uit een andere erfzonde: ‘de historische verzuiling waarin het middenveld systematisch was vervlecht geraakt met de overheid’.
Kan je zonder kleerscheuren onder een erfzonde onderuit, laat staan aan twee? We zullen het navragen. Met ‘Beweging’ denken wij toch dat de arbeidersbeweging, onder bepaalde voorwaarden, terug kan grijpen naar de coöperatieve idealen. En als de band met de CD&V wordt losgelaten, komt er ook daar een nieuw perspectief voor het ACW. Het was precies de symbiose met de CD&V, het feit dat het ACW geen eigen ‘politieke smoel’ meer had dat de vervlechting waar Reynebeau van spreekt ‘leidde tot een gebrek aan kritische afstand, tot argeloosheid tegenover vele vormen van conformisme en conservatisme die ontstaan in de omgang met macht’.

Biedt de huidige malaise kansen tot een nieuwe dynamiek?

Al bij al kan de huidige malaise leiden tot een nieuwe dynamiek. Als is het voorbarig te stellen, zoals E. Schouppe zich liet ontvallen, dat het ACW spoedig weer als een phoenix uit zijn as zal herrijzen. Er liggen immers kapers op de loer. De NV-A is geen partij zoals de anderen. Ze heeft bij manier van spreken een viscerale afkeer van het middenveld. Dat past niet in hun visie op de samenleving. De partij mag dan nu wel wat steviger verankerd zijn in het Vlaamse landschap na de gemeenteraadsverkiezingen van oktober van vorig jaar, ze beschikt niet over een middenveld zoals de andere partijen. Wellicht streeft ze dat ook niet na, net zoals de Volksunie vroeger waar de NV-A toch uit geboren is. Maar NV-A ziet wel de slagkracht van dat middenveld en dat ‘steekt’. Een recente studie heeft aangetoond dat niet minder dan 30% van de ACV-leden bij de laatste federale verkiezingen in 2010 voor de N-VA heeft gestemd. De NV-A zal er alles aan doen om nog meer kiezers te lokken en ze in te zetten voor een eigen volksnationalistisch programma. Daarbij schuwen ze de zware middelen niet. De aanval tegen het ACW kan moeilijk anders geïnterpreteerd worden. Vanwaar die beschuldiging van fraude bij het ACW? Je zou dat nog kunnen verklaren als de partij op dat vlak al enige verdienste had opgebouwd in het verleden. Maar niets is minder waar. Toen in het verleden de dubieuze fiscale praktijken van grote ondernemingen en eigenaars van grote vermogens uitvoerig uit de doeken werd gedaan, was er van de NV-A geen spoor te bekennen. De NV-A verdedigde wel steeds de notionele interest en had er niet de minste moeite mee dat de Franse veelverdiener Arnault in ons land een onderkomen zocht om aan de Franse fiscus te ontsnappen. Er staat een duidelijke rechtse agenda achter de pogingen om het ACW te destabiliseren. Het ACW, en zeker het ACV verdedigde tegenover de federale regering het behoud van een sterke sociale zekerheid. En laat dat nu net een doorn in het oog zijn van de NV-A. Bovendien komen er de verkiezingen van 2014 er aan. Als de CD&V in een zwakkere positie komt te zitten omdat het ACW zo goed als onschadelijk gemaakt is, ligt na de verkiezingen de weg open de weg open voor een rechtse meerderheid in Vlaanderen. In De Morgen (16/02/13) stelt Bart Eeckhout: “Wie zal bij CD&V Kris Peeters tegenhouden om het roer een ruk naar rechts te geven? Geen ACW’ers alvast, die liggen nog wel even in de Dexia touwen. Met dank aan NV-A, inderdaad”.
Als de rechterzijde erin zou slagen het ACW op te doeken dan zal er een enorm maatschappelijk kapitaal verdwijnen en is het perspectief op een solidaire en warme samenleving verder af dan ooit, schreef Willy Verbeek, ACW-voorzitter van Herent, onlangs in een lezersbrief (DM, 12/02/13). Alle hens aan dek dus om na alles wat er gebeurd is een nieuwe weg in te slaan. Laten we van de gelegenheid gebruik maken om een eigen uitgesproken maatschappelijke keuze te maken. Laat daarbij de belangen van de gemeenschap, van de kleine man en vrouw, van de werknemers primeren op een flou algemeen belang dat vaak misbruikt wordt om eerder een kleine groep te bevoordelen. Ga het gevecht aan met de neoliberale principes die de samenleving domineren en meer en meer mensen verknechten. Weiger te aanvaarden dat de winst van enkelen primeert op het goede leven van velen. Laten we dus naar buiten komen met een eigen uitgewerkt profiel, bediscussieerd en gedragen door dat onschatbare sociale kapitaal van de beweging, waarmee we de boer op kunnen, de confrontatie tegemoet. Een recht voor de raaps project dat mensen perspectief biedt en uitdagend genoeg is om, samen met alle progressieve krachten van het land, te bewijzen dat een andere wereld mogelijk is.

* Jef Mariën is actief in Beweging, een werkgroep van kritische en progressieve militanten binnen de christelijke arbeidersbeweging. Zij ijveren voor een strijdbare en politiek zelfstandige beweging om samen met andere sociale organisaties te werken aan een andere, meer rechtvaardige wereld. Dit artikel verschijnt binnenkort ook in Sprokkels, tijdschrift van Christenen voor het socialisme.

19 maart 2012

Open brief aan ACW-voorzitter Patrick Develtere


Mijnheer de voorzitter, nu de storm even is geluwd, willen we toch nog eens terugkomen op de onverkwikkelijke Arco-affaire. We kunnen er niet onderuit. We zijn zwaar aangepakt. Opmerkelijk was het oordeel van De Tijd (19/11/2011): “Vakbondsbonzen Luc Cortebeeck en Marc Leemans moeten stoppen met het schimpen op de banken die staatssteun hebben gekregen." Een open brief van de Beweging CAB.

"ACW-voorzitter Patrick Develtere mag ophouden met preken tegen bedrijven en particulieren die gebruik maken van achterpoortjes in de fiscale wetgeving”, luidde het oordeel van De Tijd.
De onderliggende boodschap luidt in feite: het ACW houdt er nu best mee op zijn maatschappelijke rol te spelen. We begrijpen inderdaad goed dat vele krachten in de samenleving zich nu vergenoegd in de handen wrijven en eindelijk een stok hebben gevonden om een hond te slaan. Daar moeten we ons met hand en tand tegen verzetten.
De arbeidersbeweging heeft zich van bij het begin altijd verzet tegen de heersende kapitalistische economische aanpak. Telkens heeft ze geprobeerd het terrein van de economie, van de arbeid, van de brede maatschappelijke behoeften niet aan de markt, aan de privébelangen, aan het kapitalisme over te laten.
Het besef was altijd aanwezig dat het belangrijk was greep te krijgen op de economie. Maar de economische macht waarover we vroeger beschikten, zijn we in de loop der jaren kwijtgespeeld. Heel de economische poot van de beweging werd ontbonden.
BAC werd BACOB en ging via Artesia uiteindelijk op in Dexia. Op dat moment werd de arbeiderscoöperatie ten grave gedragen, werd het ACW met handen en voeten gebonden aan het bancaire systeem en werd het een institutionele belegger die zijn eieren in de korf van het risicovol financieel kapitalisme legde.
Grootschaligheid, winstmaximalisatie, efficiëntie, zakelijkheid, rendabiliteit, dat was de 'tijdsgeest’ die ons dwong om in die nieuwe benadering te stappen, heb je ergens laten optekenen. Maar neem ons niet kwalijk als we ons daar van distantiëren.
Tijdsgeest of niet, de arbeidersbeweging is precies ontstaan omdat ze zich tegen de toenmalige tijdsgeest heeft afgezet. Het is dus hoog tijd om het roer om te gooien. Om te beginnen door in eigen huis schoon schip te maken met de zogeheten financiële experts. En verder zouden wij koploper moeten worden in de maatschappelijke en politieke strijd om het kapitalisme te bestrijden en het financieel kapitalisme voorgoed aan de ketting te leggen.
Hoe kunnen we vandaag een economie in dienst van mens en samenleving uitbouwen? Zeker niet door te participeren aan de (losgeslagen) financiële markten. Streng gereguleerde openbare banken die aan een stevige democratische controle worden onderworpen en die alle spitstechnologische trucs moeten afzweren, kunnen een bijdrage leveren.
En wat te denken van een echte coöperatieve bank? Een bank van ons? Waarom niet? Dan beletten we tenminste dat met ons geld het financieel kapitalisme voort de samenleving ontwricht, het milieu kapot maakt en jobs en inkomens vernietigt.
Vandaag lijkt het erop dat de economische activiteit de sociale beweging zwaar beschadigd heeft. Is dat een reden om de coöperatieve uitbouw voor goed af te schrijven? Wij denken van niet. We beseffen dat we u heel wat vragen, maar de beweging is toch iets verschuldigd aan de werknemers en de samenleving.
Daarom nog een laatste oproep. De christelijke arbeidersbeweging is een machtige organisatie die beschikt over vele tienduizenden militanten in alle geledingen van de beweging die tegelijk actief zijn in organisaties rond milieu, sociale problemen, Derde Wereld, enz. Met welk maatschappelijk en politiek project wil de beweging al die mensen blijven mobiliseren?
En eerlijk gezegd, zijn we er niet gerust in. Na de Tweede WereldoorlogI werd ons politiek project toevertrouwd aan ‘de vrienden’ in de huidige CD&V. Maar die partij is in de loop der jaren op sociaaleconomisch vlak steeds meer opgeschoven in de richting van het neoliberalisme. Toch wil het ACW zijn ‘bevoorrechte partner’ nog steeds niet in de steek laten.
Wij vragen u, mijnheer de voorzitter, het geweer van schouder te veranderen. Werk een eigen uitgesproken maatschappelijke keuze uit. Neem dus een initiatief, kom naar buiten met een eigen uitgewerkt plan, bediscussieerd en gedragen, waarmee de beweging de boer op kan, de confrontatie tegemoet.
Met een 'recht voor de raap’-perspectief dat mensen opnieuw perspectief biedt en uitdagend genoeg is om, samen met alle progressieve krachten van het land, te bewijzen dat een andere wereld mogelijk is.

Omer Mommaerts, Jef Mariën, Anne Dhooghe en Willy Verbeek Voor ‘Beweging’ (een groep kritische en progressieve militanten binnen de christelijke arbeidersbeweging): Omer Mommaerts is oud-vrijgestelde van KWB, Jef Mariën is oud-hoofddélégué voor COC, Anne Dhooghe werkt op de vormingsdienst van LBC-NVK en Willy Verbeek van ACV-Transcom is ook voorzitter van ACW-Herent.
Verder ondertekenden volgende mensen deze open brief: Elke Vandeperre, coördinator vzw Motief; Noël Vanglabeke; Tommy Vandendriessche, vakbondsafgevaardigde COC; Jon Sneyers, militant LBC-NVK Leuven; Raymond Vanderlooy, gepensioneerd vakbondsafgevaardigde LBC-NVK; Kris Van der Parre, militant, bureaulid LBC-NVK; Guido Vereecke, bestuurslid ACW, ACV en CM; Charlie Eylenbosch, KWB St.-Katharina-Lombeek; Marc Van Thielen, vrijgestelde LBC-NVK; Jan Reyskens, ACV-militant; Marc Mombaerts, regiosecretaris ACV; Dominiek De Meester, vrijgestelde ACV; André Leurs, vrijgestelde ACV Bouw-Industrie-Energie; Jos van Dooren, délégué COC; Paula Broeders, bijblijfconsulente ACV; Geva Deraeck, lid ACV; Machteld Venken; Veer Dusauchoit, ACW-Herent; Denis Bouwen, hoofdredacteur 'Ons Recht' LBC-NVK; Annie Kerkhove, secretaris LBC-NVK met brugpensioen; Michael Vandenbrouke, secretaris LBC-NVK; Frieda Geleyns, regiosecretaris ACV; Paul Van Hooren, délégué LBC-NVK met pensioen; Angèle Branckaerts, COC-afgevaardigde met pensioen; Peter Van Hooren, voorzitter regio Antwerpen-Zuid ACV; Eliane De Boeck, ACW-Kontich, educatief medewerkster CM; Dirk Clauwaert, délégué ACV voeding en Diensten; Katrien Verschaeve, afgevaardigde COC; Marc Vandepitte, hoofddélégué COC; Jan Dereymaeker, secretaris LBC-NVK; Paul Buekenhout, secretaris LBC-NVK; Pros Vandebroek, bestuurslid COC; Patrick Franceus, vrijgestelde ACV-BIE; Tina De Greef, LBC-secretaris; Pirre Ackermans; Jean Dreezen; Marc Limpens; Luc Davids, militant LBC-NVK; Gilbert Holtappels; Dominiek Van Dooren, vrijgestelde LBC-NVK; Roger De Becker, oud-vrijgestelde ACW; Aimé Gysemberg, ACV-militant; Jozef Mampuys, militant ACV; Jan Verschaeve; Piet De Bisschop, oud-délégué LBC-NVK; Agnes Vandenbosch, lid ACV; Jef Vermaere, lid CCOD, voormalig LBC-vrijgestelde; Wies De Troch, militant CCOD; Tom Vermeir, LBC-militant non-profit; Koen Ooms, LBC-lid; Kaatje Borms, militant ACV; Jan Soetewey, lid LBC-NVK; Barend Claessens, vrijgestelde ACV-BHV; Bea Vandewalle, LBC-militant non-profit; Antoine Baeyens; Filip Van Grieken, lid Okra; Judith Troubleyn, lid KAV; Annemarie Uyttendaele, CvS; Lieve Debaecke, militant COC; Antoinette Van Mosselvelde; Kathleen Bevernage, oud-militant LBC non-profit; Jozefine De Prins, oud-délégué ACV-CSC; Rik Valcke, COC-afgevaardigde; Paul Pataer, oud-LBC secretaris; Hélène Van Rossem; Toon Danhieux, militant LBC-NVK; Nancy Pauwels, studiedienst LBC-NVK; John De Decker, secretaris LBC-NVK; Luk De Bock, secretaris ACV-Metea; Bogaerts Leo, lid ACV.

gepubliceerd op www.dewereldmorgen.be